Van het Oosten naar het Westen

Strausbergerplatz.jpg

Strausberger Platz, de Karl Marx Allee en de typische stalinistische architecturale suikertaartstijl.

 

Berlijn heeft -en daarin verschilt de stad echt wel van de meeste andere steden- geen echt stadscentrum. Christian Prigent schreef hierover:

“ A Berlin l’histoire a fait que la ville entière était stricto sensum intra murum. Qu’elle pivotait et vivotait comme elle pouvait dans cette insularité. Qu’elle n’était pas disposée dans une rationalité géographique stricte, puisque l’Histoire avait perverti la géographie. Que, par exemple, autour, c’était l’Est partout, même à l’Ouest. Que son centre n’était pas en son centre. Qu’elle ne s’émmitouflait d’aucune banlieu (c’est bien sur en train de changer,maintenant que la ville dégorge au-delà du tracé périphèrique du Mur). Ainsi dans cette ville pascalienne malgré elle le centre était à la fois nulle part et partout.” *

Hij gaat nog even verder en claimt dat er nog steeds geen geünificeerd Berlijn is, maar dat de tweedeling nog steeds actueel is. En ik kan hem daarin echt geen ongelijk geven.

Mitte.jpg

Mitte


Ik heb 5 jaar in het Oosten gewoond en ben onlangs naar het Westen verhuisd.  Voor mijn verhuis, moest ik even house-sitten op het huis van vrienden in Kreuzberg (Xberg). Op vakantie in Berlijn! Geen overdrijving, het voelt echt aan als vakantie want het verkennen van een ander stadsdeel (Kiez of Bezirk) is altijd een beetje een avontuur. Ik heb de reisgids “500 hidden secrets of Berlin” geschreven en ken de stad echt wel redelijk goed. Maar je komt toch iedere keer wel op nieuwe plaatsen, een ontdekkingsreis in eigen stad, dat doen veel mensen al lang niet meer en dat is eigenlijk ontzettend jammer. Berlijn is groot en er valt altijd wel iets nieuws te ontdekken; een plaats, een bar, een herinnering, een ontmoeting…

Potzdamer Platz.jpg

Potzdamer Platz. Ooit stond hier de muur. Nu is het een onpersoonlijke, winderige en niet erg interessante plek in de stad.

 

Ik logeerde in Über-hipster land. Dat is de buurt rond de Paul Lincke Ufer. De Kiez is al lang geen hidden secret meer. En met recht: het is er ongelooflijk aangenaam dwalen langs het kanaal, genietend van een de zon en van de talrijke mini-tafereeltjes. Bij zonsondergang gaan veel mensen een biertje drinken op een van de vele bruggetjes of gewoon zittend langs het kanaal. Enkel bekeken door de immer statige zwanen en af en toe een nieuwsgierige passant zoals ondergetekende.

Kreuzberg ligt in voormalig West-Berlijn en was in de jaren tachtig heel populair bij de Turkse immigranten, niet gehinderd door de vele kraakpanden en de vele punks en andere andere anarchisten. In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw was Xberg namelijk ontzettend populair bij de links-intellectuelen en nog steeds is 1 mei het grote buurtfeest waar wel een miljoen mensen aan deelnemen. En is het Bezirk over het algemeen een schoolvoorbeeld van hoe verschillende culturen wel respectvol met elkaar kunnen omgaan.

Viktoria park.jpg

Zicht op Berlijn vanaf Viktoria Park (Kreuzberg)

Een aantal straten in Kreuzberg zijn vergeven van bars en clubs en die trekken dan weer de clubbers aan. Rollerturis noemen ze we hier, of wat minder poëtisch: Ryanair-of Easyjet toeristen. Ze komen naar hier, aangetrokken door het wilde en goedkope nachtleven van Berlijn, hebben zelden respect laat staan interesse voor de stad, en vertrekken moe en misschien ook wel voldaan weer naar huis.

De straat waar ik logeerde is er momenteel van gespaard gebleven. Het is er rustig en groen en er zijn zomaar eventjes drie excellente koffiebars binnen de 200 meter van de flat. Een zegen voor een koffieliefhebber .

Voor het eerst in maanden, misschien wel in jaren, had ik een vakantiegevoel; dat gevoel van niets, maar dan ook absoluut niets hoeven te doen. Onbeschrijflijk is dat. Ik liep dan ook een tijdje met een dwaze beate glimlach rond en speelde het zelfs klaar om me niet te ergeren aan de wel zeer vele mannen in short met baard en een zwarte buldog aan een lederen halsband…. Waarom zijn hipsters toch  zo voorspelbaar? 😉

De gentrifizierung waar ik al eerder over schreef is hier al een aantal jaren aan de gang. Ook ik ben er slachtoffer van (en deels natuurlijk ook de oorzaak- niets is zwart en wit) en ik moest mijn super posh appartement met balkon met zicht op het park op een toplocatie in Mitte verlaten. Dat appartement heeft me menig mooi moment geschonken; zo waren de literaire salons die ik er organiseerde stuk voor stuk pareltjes. En ik vond er Vriendschap bij mijn onderbuurvrouw. Vriendschap met een hoofdletter, jawel.

Voor het eerst sinds mijn aankomst in Berlijn, woon ik in het Westen, iets wat ik nooit voor mogelijk had gehouden. Spannend toch? 

Mijn vakantie is Xberg is al een tijdje geleden en dat vakantiegevoel heb ik helaas niet kunnen vasthouden. Maar toch…het is bijna zonsondergang: tijd voor een biertje bij de Späti en een rustig plekje aan het kanaal .

 

*Berlin sera peut-être un jour. Christian Prigent. Ville Brulle Eds La. 2015.

dav

dav

Advertenties

Memento Mori

IMG_20160831_122051_resized_20160831_013033853

For God sake, Nathalie, you didn’t post one single blog post in almost a year (because too busy with living and with writing a Berlin Guide that will be published in September 2016-more info soon-promised) and the first one you write again is about a graveyard! A graveyard, seriously…again.

Haha, well hell yes, this one is indeed about a churchyard…again. (here’s the link to the other blog post- Dutch only, sorry)

I just happen to love graveyards in Berlin. (Does that make me weird? Maybe just a little.) They’re beautiful, green, a little chaotic and incredibly peaceful.  And they are soooooo quiet. Because death people are pretty good at being quiet.  In a way, the death are not dead.  Not as in “oooooohooooohooo we are haunting the graveyard“, no not at all, but more as “we existed, we meant something for someone, our lives did matter and we hope yours matter and take it from us: live your life as hard as you can. Grab these moments.” And so I walk totally zen through this beautiful gardens and listen to their silence.

I visited the Alter St. Matthäus Kirchhof today. My friend Kat lives in front of it and the way she always spoke about all the beautiful (and edible!) plants on “her” Friedhof and about the grave of Mathilda on “her” Friedhof in front of which she loves to sit and meditat,  I wanted to see this with my own eyes. So I did. And oh, I wasn’t disappointed.

IMG_20160831_121921_resized_20160831_013104049

I especially love the graves of the unknown, the poor, the children, but there are also some famous graves here.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

What to think about The Grimm Brothers for example? Günther Grass wrote about them in Grimms Wörter (Grimms Words); making them walk in Tiergarten in the 20th Century.

But this is the 21st C. And this is their grave:

IMG_20160831_121817_resized_20160831_013108586

And what to think of Claus Von Stauffenberg ? He tried to safe the world from Hitler and  disarm the SS.  Operation Valkyrie failed and Von Stauffenberg and the other ringleaders of the conspiracy were executed in 1944. This yard has only a remembrance stone because Von Stauffenbergs corpse was exhumed by the SS and his remains moved to an unknown place.

So yes, I confess. I love the Berlin graveyards. Every single grave has its history, every tree and flower too. Every living and every dead human and animal (squirrels, foxes…) too.

I also really love the one in Port Bou Spain, where I earlier this month I visited the grave of Walter Benjamin.IMG_20160809_111448_resized_20160831_112059126

IMG_20160831_132956_resized_20160831_013031738

Or the fisherman graveyard in Sète, France. And so on…

Because yes, all these places are so fundamentally democratic: it is a fact of life that we all die. Memento Mori! Whether we are rich or poor, whether we are good or bad, happy or sad…we will all die. That is the name of this whole fascinating game. And then it will be our turn to whisper to the wanderers: “it is really beautiful here, but I don’t have eyes to see it anymore. But you do: so be humble and live and love hard.

 

 

 

 

Herfstige ontmoetingen

2015-09-21 15.00.07Herfst in Berlijn is misschien nog mooier dan de zomer. En dat wil wat zeggen.

Het licht is zachter in het najaar, het publiek op en rond het Museumeiland ook.

Berlijn is ingedeeld in verschillende districten, ieder met zijn eigen identiteit. Ik woon in hartje Mitte. Het oude Oosten als het ware. Slechts een brug en een straat scheiden me van het fameuze Museumeiland. Op zondag flaneer ik er zeer graag. Het is er dan boek-en antiekmarkt. Het antiek is aan de kitscherige kant, maar de boeken bijna allemaal aan één Euro. Ik tracht, maar kan niet met lege handen naar huis komen. Vandaag is geen uitzondering:

20150920_175319

Ik ben wat blij met mijn handleiding voor een Trabantje, vooral met alles wat erin zit: persoonlijke aantekeningen en krantenknipsels. Altijd een feest! Ik koop ook nog een exemplaar van Jedermann uit 1947. En zelfs nog rode satijnen handschoenen. Het kan niet anders of ik ben in een serieuze Ostalgische bui. Kostprijs van dit alles is 12 Euro . Dat overstijgt ver mijn zondagse budget maar ik ben in een gulle bui vandaag.

Aan de Humboldt universiteit op Unter den Linden staan ook altijd een paar zeer goeie boekverkopers. Op weg daarheen kom ik een aantal oude bekenden tegen:

20150920_16432120150920_170017-1

20150920_170301 20150920_170048 2015-09-21 14.56.36

Ik kan het ook niet laten om weer een kijkje te nemen in de Neue Wache.

Het (uitvergrote) Moeder en Kind beeld van Kathe Kollwitz weet me iedere keer ontzettend te ontroeren. Het is een ode aan alle slachtoffers van de oorlog. Elke oorlog. Kollwitz verloor haar zoon in de eerste wereldoorlog. Hij was amper 18 jaar oud. Het beeld staat onder een open gat in het dak, zodat het altijd onderhevig is aan regen, wind, zon en sneeuw. Het is helaas nog steeds brandend actueel.

Neue Wache

Neue Wache

Ik slik mijn ontroering weg. Mijn rugzak ondertussen nog ietwat verzwaard door twee boeken van voor mij onbekende auteurs:

20150920_175302

Niet toevallig hebben deze boeken de zee als onderwerp. Ik ben nog niet zolang terug van een vakantie naar Belize en Mexico waar ik hoofdzakelijk in gezelschap van zeebiologen verkeerde. Heb ook nog gezwommen in het gezelschap van nurse sharks, walvishaaien, zeeschildpadden en nogal wat andere zeebeestjes. Dat doet blijkbaar wat met een mens.
Ik laat het Museum van de Duitse geschiedenis rechts van me en wandel terug via de Platz der Märzrevolution waar ik nog mooie ontmoetingen heb met o.a. Schiller, Gorki en Von Kleist. De lucht is staalblauw.

2015-09-21 14.54.10

Even voorbij de Strandbar aan het Bode Museum, besluit ik nog een bezoekje te brengen aan de splinternieuwe galerij Bernheimer Contemporary – het is tenslotte Berlin Art Week- en word er als het ware omvergeblazen door het werk van de Italiaanse Annemarie Delleg.20150920_173339

Haar werk is van een intensiteit dat ik niet meer zo vaak tegenkom in de hedendaagse kunst. Het is Art Brut op z’n best.

Thuis wacht me een opgewekte zoon, die me meteen in de Minecraft wereld gooit, mijlenver verwijderd van de Ostalgie waarin ik zoëven nog vertoefde.

Laat de herfst maar komen. Ik denk dat ik er klaar voor ben.

Jedermann

Jedermann

Berlijnse lente

Wannsee

Wannsee

Het is u wellicht niet ontgaan: de lente is in aantocht.

Ergens diep in ons weten we dat dit waarschijnlijk een gevolg is van de klimaatsopwarming maar we laten collectief en gewillig de struisvogel in ons los. Laat ons nu maar eens een dag of twee non-believers zijn en gewoon genieten van dit lentelijk voorspel.

Ik besloot dit weekend de hippe rommelmarkten in de stad achter me te laten. Water wou ik zien. Meren genoeg in Berlijn maar ik besloot om naar de Wannsee te gaan. Daar ben je op 20 minuten met de metro vanuit het station Haeckescher markt. Twintig minuten is alles wat je in Berlijn nodig hebt om in een andere wereld te belanden. Bus 104 brengt je vervolgens in een paar minuten naar het vertrekpunt van de wandeling: de Flensburger leeuw. De leeuw, symbool van kracht en overwinning, kijkt fier over het meer uit. Het is een beeld dat de Denen eigenlijk ooit maakten als monument voor hun overwinning op de Duitsers (slag bij Idsted, 1850). Maar in 1864 werd Denemarken echter alweer verslagen door Duitsland en het beeld werd gesloopt, vervolgens alweer gerestaureerd. Het beeld dat aan het meer staat is eigenlijk een zinken copie van het originele dat sinds 2011 terug in Flensburg staat. Er werd nogal wat met deze leeuw gesold.

Ik laat het wilde dier dan ook met rust en neem het weggetje links naar beneden langs het meer. Het pad volgt de Grote Wannsee. De winter heeft dit jaar niet zo hard huisgehouden. De stichting Natuurbehoud is momenteel bezig met het beschermen van de oevers. Je merkt het aan de vele rietkragen. Ik zie af en toe een grauwe gans, wat zwanen en veel eendjes. Er zijn maar enkele plaatsen waar je bij het water kan en daar hebben vaak honden en hun mensenvrienden dikke pret.

 

In de zomer zal dit misschien grotendeels verdwijnen, het meer is namelijk een ideale zwemplek. Ik kom er weleens als de temperaturen het toelaten en het is er inderdaad zalig: het water warm (het meer is niet diep) en het gevoel van vrijheid dat je hebt om in de vrije natuur te kunnen baden is onbetaalbaar.

DSC_3725~2 Het is vandaag 8 maart 2015 en bijna 19°C en ik ben helemaal vergeten dat dit ik me eigenlijk officieel nog steeds in de stad Berlijn bevind.
Je kan van hieruit trouwens helemaal tot in Potsdam wandelen, maar dat ben ik niet van plan. Na een uurtje stevig doorwandelen, sla ik linksaf, het bos in. Ik vertrouw op mijn goeie oriëntatiegevoel (en op mijn smartphone).

DSC_3726~2Het bos is een mengeling van pijnbomen en berken. Ik voel me soms terug in het Zuiden van Frankrijk waar ik een half decennium heb gewoond. Af en toe hoor ik een specht zich een weg door een stam banen. Verder is het hier uiterst stil. De paar wandelaars die ik tegenkom groeten me bedeesd.

Na een uurtje of zo sta ik weer netjes terug naast leeuw en een aantal ijsverslindende en/ of bierdrinkende Berlijners. Ik spreek met mezelf af om het een volgende keer iets sportiever aan te pakken: dan ga ik met de fiets! De zogenaamde Wannsee route is 28 kilometer enkele reis en je verveelt je geen moment! De route gaat van centrum Berlijn tot aan de Glienicker brug. Ja, dat is inderdaad die brug, bekend uit de spionagefilms, die Potsdam met Berlijn verbindt. De Glienicker Brücke lag in de tijd van de Koude Oorlog op de grens van West-Berlijn en de Duitse Democratische Republiek.De brug kreeg wereldwijde bekendheid door de agentenruil op 11 februari 1986 waarbij de Sovjet-dissident Anatoli Sjtsjaranski en een aantal andere gevangenen uit het Oostblok werden uitgewisseld tegen vijf geheim agenten die in het westen gevangen zaten. Meer info vind je hier.

Voor ik terug naar huis spoor, besluit ik om nog een bezoek te brengen aan het Huis van de Wannsee-conferentie.

DSC_3732~2

Dit is de villa waar op 20 januari 1942 de geplande deportatie en moord van de Europese joden werd besproken.

De vergadering werd destijds voorgezeten door Reinhard Heydrich, de chef van het Reichssicherheitshauptampt (RSHA). Het is Adolf Eichmann, de deportatie-expert die tijdens de vergadering de notulen maakte. Een copie van het document (en een Engelse vertaling ervan) kan je in zaal 9 (de vroegere eetzaal waar de conferentie werd gehouden) bekijken.

Dat dit bezoek geen pretje is, hoef ik jullie niet te vertellen. Mijn verstand kan er niet bij. Mijn hart nog veel minder. Elf miljoen joden werden planmatig gedood. Hiervan kwamen er zo’n 25000 uit België. Om dan hebben we het nog niet over de zigeuners, de homo’s, de gehandicapten…

In de villa is er een permanente tentoonstelling te zien: “De Wannseeconferentie en de volkerenmoord op de Europese Joden”. Vrolijk word je er echt niet van. Dat is niet de bedoeling. Wat wel de bedoeling is dat zoiets nooit vergeten mag worden en vooral dat het nooit meer zal gebeuren. Het moet dus vooral jongeren bewust maken. En daar wringt het schoentje volgens mij; dit is een collectie foto’s en heel veel tekst. Ook veel geluidsfragmenten. DSC_3733~2Het is dan ook een herinnerings-en studiecentrum en geen echt museum, maar ik kan me niet van de indruk ontdoen dat jongeren die hiernaar toe komen, veel beter af zouden zijn met een museum zoals het “House of Terrors” in Budapest. Daar werkt men met audio-gidsen en met visueel attractievere en vooral instructievere en duidelijkere installaties.

Wat me enorm heeft aangegrepen wegens nog nooit ergens anders gezien, waren de afdrukken van tekeningen van de gevangen van concentratiekampen. Zo hangt er een copie van een tekening van Henri Pieck, broer van de wereldberoemde Anton Pieck. Hij zat in Buchenwald en heeft de horreur overleefd. Ik heb het even gegoogled. En tot mijn grote verbazing zie ik dat er litho’s van gedrukt zijn die een paar jaar geleden voor een schamele 220 euro verkocht werden.

Als ik naar buiten stap en de prachtige locatie zie, de engelen in de tuin, de zon aan de hemel, het blauwe meer, dan probeer ik me voor te stellen hoe die mensen (want dat waren het) in deze pracht konden wandelen, hoe ze over koetjes en kalfjes spraken en dan vervolgens aan de eettafel zo maar eventjes koudweg de Entlösung op papier zetten. Zoveel wreedheid, ik kan het echt niet vatten.

In de bus terug naar het S-bahn station staar ik stilletjes uit het venster.

DSC_3735~2

 

 

 

 

 

 

Straßenpenner

Berlijn wordt overspoeld door bedelaars. Straßenpenner noemen ze die hier. Ze zijn overal: op straat, in de parken, in de metro’s, voor de banken.

Deze stad heeft namelijk niet alleen een geweldige aantrekkingskracht op filmmakers, toeristen en/of andere hipsters. Maar steden trekken ook mensen aan, die denken dat het hier wat makkelijker zal gaan, dat het leven hier iets zachter is.  Dat is het niet.  Berlijn is niet enkel een geweldige stad om in te wonen wegens de vele parken, de immense vrijheid, de geweldige energie en het prachtige licht maar het is ook zwaar gesubsidieerd en nog steeds zeer arm.  En economische groei zit er niet in. En dat in één van ‘s werelds rijkste landen.

Dat beseffen niet alle gelukzoekers. Een flink aantal onder hen hebben bovendien een zwaar alcoholprobleem en roken als een ketter. Wat uiteraard de situatie er niet makkelijker op maakt.

Soms verkopen ze een daklozenkrant. Daarvan zijn er hier zelfs twee. Een exemplaar kost anderhalve euro. Daarmee kunnen ze een slaapplaats krijgen in één van de opvangcentra hier in de stad. In de winter is dat een absolute must. Dan bieden parken en portalen echt geen alternatief meer.

Soms geef ik iets, soms niets. Soms krijgen ze mijn glimlach. Even vaak doe ik als de meeste mensen en kijk ik weg. Of doe ik alsof ik net een zeer belangrijk bericht heb gekregen op mijn telefoon. Bang van de confrontatie.

Laatst was ik in de bank om geld af te halen.

Geld uit de muur halen gebeurt in Duitsland vaak in een lokaal voor de bank. De Berliner Sparkasse in de Torstr. maakt hierop geen uizondering. Het is ook heel regelmatig dat je hier strassenpenners vind die hier liggen te pitten, vooral in de winter. Het stonk er die dag verschrikkelijk en ik moest even wachten tot er een automaat vrij was.

Ik had dus tijd om naar de persoon in de hoek te kijken. Ze (ik denk dat het een vrouw was, maar ben daar niet zeker van) lag te slapen, uitgedoofde sigaret nog tussen de vuile vingers. Haar leeftijd is erg moeilijk te schatten, maar ik gok op nog geen 40. Twee lege flessen wodka lagen naast haar. Een pak vieze en vuile kleren en dekens bedekt haar lichaam. Een paar euros liggen verspreid langs haar. Ongetwijfeld van mensen met meer mededogen dan ik.

Maar wat me de adem benam (en dan spreek ik niet over de stank die van de persoon uitging) was het boek dat voor haar lag.

La phénoménologie

La phénoménologie”. In het Frans. (zou ze Frans zijn of gewoon de taal machtig zijn ?).

Laat dat nu nét de filosofische richting zijn die me enorm aanspreekt.

Ik wou een foto maken, maar voelde te veel schroom. Ik was ook totaal verward. Is dit een slechte grap? Verborgen camera? Of heeft iemand dat boek daar voor haar neergelegd? En waarom zou die dat dan doen?

En waarom zou een dakloze geen filosofie lezen?? Wat is haar verhaal? Hoe is ze hier terecht gekomen?

ryan-arcand

Foto: (Rick Bremness/CBC)

(klik op de foto voor het verhaal van deze muzikale Amerikaanse bedelaar)

De werkelijkheid is rauw: dit is geen grap. Dat ik geld uit de muur moest halen, was ik alweer vergeten. Ik ging naar de bank om een slag in mijn gezicht te krijgen. Het leven kan verdomd gemeen uit de hoek komen en er is niet zo heel erg veel nodig om op straat te belanden. Want iedereen, zonder uitzondering, kan hier, in het portaal van de Berliner Sparkasse belanden, en zijn pijn proberen te verzachten met wodka en de wereld te begrijpen door het lezen van filosofie. Dat het hier nu net om de fenomenologie gaat, maakt het plaatje alleen nog schrijnender. Fenomenologie is een benadering in de filosofie die als doel heeft het bestuderen en beschrijven van de werkelijkheid zoals ze verschijnt in de concrete ervaring. Alles is perceptie. De twintigste eeuwse filosofen en fenomenologen Heidegger en Merleau Ponty beschreven de wereld zoals de fenomenen zich aan hen voordeden. Niet de fysika is hun werkelijkheid maar de geleefde werkelijkheid: de wereld zoals we die beleven. Voor Martin Heidegger is de dood de fundamentele horizon van ons bestaan. Ons leven krijgt pas zin omdat de dood altijd volgt. Dat we zullen sterven, weten we zeker: hij spreekt over de Gewissheit van de dood. Hij beschreef ons bestaan als een ‘ten-dode-zijn’ (Sein-zum-Tode).

 Jean –Paul Sartre vond dat weer klinkklare onzin: het leven zelf geeft zin aan het leven. De dood ontneemt dat nu juist. Want na de dood houdt het leven op.

Ze hebben allebei gelijk.

Een paar dagen na mijn bezoek is de Torstr. afgesloten van alle verkeer. Er is namelijk een dode gevallen in de Berliner Sparkasse. Eerst werd er niet uitgesloten dat het om moord ging. Maar uiteindelijk bleek het om een natuurlijke dood te gaan. De wodka zal zijn verwoestend werk hebben gedaan. ‘Mijn’ fenomenologische Straßenpenner is niet meer.

Ze zal niet in vrede rusten, dat doet niemand. Want na de dood is er niks meer. Maar aan haar lijden is gelukkig een einde gekomen. Moge de overgang van de roes naar het absolute niets zacht geweest zijn.

Berlin Art Week: de kracht van ontroering

De laatste zondag van september. De zon schijnt uitbundig en het is lenteweer. In de herfst. Dat kan. Alles kan. Dit is Berlijn.

De stad is in feeststemming. Meer dan 10000 deelnemers aan de Berlin Marathon. Meer dan 300 Belgen. Op weg naar een tentoonstelling in een ander deel van de stad, stuit ik op een kleine Belgische fan base. Op één of andere manier ontroert me dat ontzettend. Zo’n vijf-tal Belgen die met de Belgische vlag in de hand de Belgische atleten moed inriepen. In drie talen. Ik vind dat schoon. En typisch Belgisch.

10653500_10203769022319073_7620029539768722098_n10628173_10203756338521986_9198151957486873145_n

Eerste werd de Keniaan Dennis Kimetto die met een tijd 2.2.57 een nieuw wereldrecord vestigde. Bij de dames werd de Ethiopische Tirfi Tsegaye eerste met 2.20.18. Eerste Belg werd Abdelhadi El Hachimi met 2.12.45. Hij werd 12de.

Gisteren zaterdag, werd de Belgische Bart Swings eerste in de Inline-Skating Speed Marathon, een evenement waar duidelijk minder aandacht aan wordt besteed maar dat ik wel zo spannend vind. Dat de stad dan autovrij is, vind ik dan weer geweldig.

Terwijl ik gezwind met mijn te kleine fiets door de autoluwe stad rijd, geniet ik van de bandjes die overal langs het parcours staan en die de moede lopers proberen moed in te spelen. Ik zou het geen 5 km uithouden. Met of zonder aanmoediging 🙂

Maar ik wijk af, dit zou eigenlijk een blogpost over Berlin Art Week moeten zijn.

Die had nl.  plaats van 16 tot 21 september. Ze is totaal niet te vergelijken met de Art Weeks in pakweg Basel of Londen. Maar dat hoeft ook helemaal niet. Naar kwaliteit is het in Berlijn soms zoeken. Dat wordt dan weer ruimschoots gecompenseerd door de ontspannen sfeer. In de Joodse hippe buurt waar ik het geluk heb te mogen wonen, zijn massa’s kleine galerijtjes die een bende bonte en minder bonte kunstliefhebbers aantrekt. De sfeer zit er dik in en het echt arrogante van de andere steden is hier nog niet doorgedrongen. Gelukkig maar. Het is één van de redenen waarom ik me hier zo thuis voel. En zelfs op de BAW vind je nog pareltjes. Neem deze bijvoorbeeld:

KOLIBRI New tendencies in a place outside of time

Group show in a forgotten ballroom ruin / September 17 – 21, 2014 Curated by Constanze Kleiner

1390660_10203769054679882_4192031000654038564_n

Dit was gewoonweg fantastisch. En het kon niet Berlijnser: neem een ruine uit de DDR tijd die ooit een balzaal én een autowerkplaats is geweest. Laat die 20 jaar verkommeren. Haal alle rommel eruit en maak er een expo van net voor de investeerders ermee aan de haal gaan.Het resultaat is pure poëzie.

Ik onthou vooral het werk van Ingo Günter, Natalia Szostak, Amelie Grözinger,en Viet Ban Pham.

10653321_10203769144122118_5057451888230125433_n 1962720_10203769147242196_8721336605436576206_n 10348460_10203716006673715_5842959571348403442_n

RINUS VAN DE VELDE in Galerij Zink

Jonge wilde Belg Rinus Van de Velde is reeds zo’n 10 jaar bij Zink. En dit zou naar verluidt (zegt ie zelf!) zijn beste expo zijn. Werk en galerij zijn perfect op mekaar ingespeeld.

Ik vind het knap, maar ben niet ontroerd. Het raakt me niet. Nog niet.

Copyright: Zink Gallery, Berlin, Germany

Rinus Van de Velde Copyright: Zink Gallery, Berlin, Germany

De vraagstelling, de allegorie van de artiest als/op een eiland, de getormenteerdheid (gespeeld of niet), het zeer grote egocentrisme…ik weet niet of het serieus bedoeld is of het allemaal maar om te lachen is. Of misschien is het beide. Het feit dat je dat als toeschouwer niet weet, pleit voor Rinus Van de Velde. Want een kunstenaar moet in mijn ogen vragen oproepen. Zolang hij ze maar niet beantwoordt. VDV werkt vooral met houtskool. En hij beheerst zijn kunst meesterlijk. Dat is feest. Altijd.

GALERIJ HARDHITTA (op verplaatsing) “A story to tell”Curated by Bene Taschen

10686736_10203769024919138_4551988277856995106_n Drie steden, drie fotografen. Berlijn, New York, Los Angeles. Ik kom van buiten waar de zon schijnt en de marathon zijn gangetje gaat. Hierbinnen (een oud postgebouw in Kreuzberg op een boogscheut van de Potzdamer Platz) is het keihard. Fotografen Gregory Bojorquez, Joseph Rodriguez en Miron Zownir fotograferen de zelfkant van de maatschappij. Zownir was dé fotograaf van de Berlijnse punkscene begin jaren tachtig. Sommige foto’s zijn zo hard dat ik er amper naar kan kijken.

Cover_web

Zownir latest book (photo taken from his web site)

 

Waar nostalgie en eclecticisme de plak zwaaide in de Kolibri balzaal, waar Van de Velde zijn imagination au pouvoir liet, in deze achterzaal van een oud postgebouw ben ik beland in een totaal ander universum: dat van de ruwe steedse realiteit.

Waar kleine kinderen de fotograaf vragen of hij zijn vader niet wil zijn want het joch heeft er geen meer. Waar dandy’s in toiletten spuiten, waar meisjes te vroeg kinderen krijgen, punkers liefdeloos voor de camera neuken en waar bendeleden een paar uur nadat de foto werd genomen al niet meer in leven zijn.

Zwaar onder de indruk stap ik weer op de fiets,  probeer door het fantastische Gleisdreieckpark te fietsen in de hoop op iets minder sombere gedachten. Het lukt. Ten dele.

 

 

 

 

 

Alle foto’s zijn van mijn hand behalve de foto van het werk van Rinus Van de Velde waarvan het copyright waarschijnlijk in de handen van Galerij Zink is. (website) en de foto van de cover van het laatste boek van Zownir.

 

Buskers

Afbeelding

 

Ze zijn niet allemaal even goed, de Berlijnse straatmuzikanten.

Maar eentje steekt naar mijn bescheiden mening hoog boven de anderen uit.

Niet dat hij zoveel beter is, dat is hij namelijk niet.

Je hebt in deze stad namelijk ronduit geweldige muzikanten. Charity Children, Frederik Konradsen (volgens Rolling Stone dé beste busker van Berlijn!), Teresa Bergman , de geweldige drummer aan het Mauerpark, de super funky Rupert’s Kitchen Orchestra aan de Haeckescher Markt om er maar een paar op te noemen.

Hier zie je een Video Mr. Funky van Rupert’s Kitchen opgenomen aan het Mauerpark.

En hier een foto van de geweldige Charity Children, hier op de Alexanderplatz.

Afbeelding

En hier dan weer een filmpje van 2 onbekende maar zeer zwaar getalenteerde gitaristen aan het Bode Museum(met mijn excuses voor de slechte kwaliteit).

Maar het is de combinatie van instrument, persoonlijkheid, sfeer, lucht en energie die maakt dat ‘mijn’ muzikant met stip op één staat in mijn lijst van favoriete straatmuzikanten (ook ‘buskers’ genoemd). Hij speelt hobo in het midden van de Friedrichsbrücke.

Geen catchy melodiën, geen zang, geen enkele toegeving naar het publiek. Er is dan ook geen publiek. Enkel passanten. Deze meneer is niet geïnteresseerd in het ophitsen van het publiek. Hij studeert gewoon, heeft zelfs geen pupiter, kijkt gewoon naar de partituren die op de grond liggen. Het is een vorm van jazz. Geen gemakkelijke vorm, zeker absoluut niet toegankelijk

De Friedrichsbrücke verbindt Berlin Mitte met het Museuminsel. Momenteel (eind april 2014) wordt de brug verdubbeld tot de historische breedte van 27 meter dus als je op zoek gaat naar mijn Favoriete Busker aller tijden, kom je van een koude reis terug.

De stad en haar toeristen slapen nog, maar mijn hond en ik zijn klaarwakker. Nu ja, hij een beetje meer dan ik, misschien stop ik wel ergens voor een koffietje. En die warme klanken van dat instrument zijn al van ver te horen en begeleiden ons op een flink stuk van de wandeling.

Er ligt geld in zijn kist. Een beetje.

Zijn schoenen zijn versleten, zijn muts staat scheef op zijn hoofd. Is hij arm? Zijn het zijn muziek-fetisj-schoenen? Denkt hij op die manier meer geld te verdienen door medelijden op te roepen? Neuh, denk het niet. Hij is wat hij is. Hij ziet er vriendelijk uit. Amerikaans. Zou zo weggelopen kunnen zijn uit een film van Martin Scorsese. Ik schat hem een jaar of 45.

Ik gooi een Euro in zijn kist, daar in het midden van de Friedrichsbrücke. Hij kijkt zelfs niet op.

Achter me ligt het Bodemuseum, voor me de Berliner Dom. Ik laat de warme klanken van het instrument verder tot me doordringen. Als een welgekomen regenbui op een (te) warme zomerdag. Als een super smart ochtendsmoothie die je helemaal klaarstoomt voor de moeilijke dag.

En dat allemaal in dat magische ochtendlicht, boven de Spreerivier, ergens op een brug in hartje Berlijn.

Als afsluiter nog dit: je hoeft niet getalenteerd te zijn om een geweldige performance neer te zetten, met een beetje hulp lukt het ook zonder :-).

Afbeelding

 

 

 

 

 

 

 

 

Een doodgewone zondag op de rommelmarkt

Het Bodemuseum tijdens Het Feest van het Licht

Het Bodemuseum tijdens Het Feest van het Licht

Eén van mijn favoriete rommelmarkten in Berlijn is die aan het Bodemuseum. Elke zaterdag en zondag proberen hier (winter én zomer) allerhande lui hun waren aan de man of vrouw te brengen. Officieel is het een boekenmarkt. De meeste boeken kosten 1 Euro. Ik heb er al pareltjes gevonden.  Zoals obscure DDR platen met geweldig lelijke hoezen. Het snuisteren is vaak nog leuker dan het kopen zelf.  Vorig weekend heb ik wel heel erg zot gedaan: ik heb namelijk 8 (acht) Euro uitgegeven.

Een mooie ruil, zie zelf maar wat die luttele euro’s me hebben opgebracht:

Afbeelding

Een heruitgave uit 1950 van de twee brievenboeken van Rainer Maria Rilke in excellente staat (auf Deutsch, naturlich!, al staan er ook heel veel Franse brieven o.a. aan Rodin in)

Een  gebonden  versie van Margaret AtwoodsThe Year of the Flood” uit 2009 .

Een plaat van de Beatles: ”Beatles Greatest”,  Nederlandse persing

Zo’n dingen maken me immens gelukkig.  Want een kamer zonder boeken is als een lichaam zonder ziel zei er ooit iemand. Over muziek kan men overigens hetzelfde zeggen.

Wat  me minder gelukkig maakt is het gesprek dat ik heb gehad met de platenverkoper.

Wat leuk is aan deze Beatlesplaat, is dat de tekst in het Nederlands is, het is nl. een Nederlandse persing.” zeg ik hem, terwijl de hond onder de platenbakken kijkt om te zien of er nog iets te bikken valt.

Echt, oh, dat had ik nog geeneens gezien! Bent u een Nederlandse dan?”

Neen hoor, dat ben ik niet, ik ben een Belgische.”

Oh ik zie.” Even stilte en dan komt het:

Wat zijn er toch veel extreem rechtse mensen in België!”

Qué?

Wablieft? Waarom zegt u dat, hoezo??”

Kijk, ik krijg hier elke week weer Belgen aan mijn kraam die vragen naar oorlogsmemorabilia. Naar oude nazi geschriften en zo.  Dat hou je toch niet mogelijk!! Hebben ze dan helemaal niks geleerd uit de geschiedenis?”

Ik weet natuurlijk dat dat soort volk bestaat. Ik negeer het vaak, verberg deze kennis in een kamer van mijn brein die eigenlijk al overvol is. De verhalen van mijn grootouders én ouders over “Den Duits” ben ik nog lang niet vergeten. Ik weet nog uit de eerste hand wat oorlog kan aanrichten.

Bovendien ben ik nog onder de indruk van Der Kriegerin, een Duitse film die ik deze week heb gezien over Duitse neo-nazis . De film is niet zonder fouten maar drukt je wel met je op de feiten.

En ze zijn duidelijk niet alleen in Duitsland. Het gespuis zit overal.

Ik leg hem uit dat er bij de laatste verkiezingen in België in 2010 “slechts” 7,8 % procent van de Vlamingen op het Vlaams Belang hebben gestemd en een luttele 0,5 %  procent van de Walen op het Front National. Beide naar mijn weten de enige extreem rechtse partijen van België. Onze buurlanden (met uitzondering van Duitsland) doen het veel slechter. Zie bijvoorbeeld deze kaart overgenomen uit Le Monde Diplomatique van maart 2014.

Afbeelding

Ik betwijfel of  alle stemmers op deze partijen ook echt extreem rechtse zakken zijn. Ik hoop dat het proteststemmen zijn. Laat mij hopen.

Ikzelf ben telg uit een Waals en uit een Vlaams geslacht. Ik ben ook tweetalig opgevoed. Spreek Frans met mijn zus en Nederlands met mijn broer. Heb 9 jaar in Frankrijk gewoond maar heb eigenlijk voornamelijk Vlaamse vrienden. Belgischer maak je ze niet meer. Of misschien wel: mijn zoon spreekt ondertussen de 3 landstalen en zijn zus volgt met rasse schreden.

Ik leg de verkoper uit dat zulke rommelmarkten misschien ook zulk soort volk aantrekken. Niet zelden zie je immers heelder oorlogsmemorabilia uitgestald of hele foute boeken, of bepaalde militaire prullen die immens populair zijn bij dat soort mensen. Openbaarheid van fascistische symbolen is in Duitsland verboden en zal je dus nooit vinden maar er gebeurt heel veel, in de woorden van mijn verkoper, “onder de tafel”.

Totaal verbijsterd ben ik. Ik wil helemaal niet behoren tot een volk dat bekend staat om zijn totaal verwerpelijke denkbeelden! Over het algemeen zijn Belgen net overal zo’n graag geziene gasten. Omdat ze eenvoudig zijn, bescheiden, open en gastvrij. Daar wil ik me mee vereenzelvigen!  Ik ben niet beschaamd om Belg te zijn, verre van, maar ik ben er ook niet bepaald fier op. Ik voel me een wereldburger. We zijn binnenkort met 10 miljard en delen voorlopig slechts 1 planeet die we dan nog met tal van andere niet menselijke dieren moeten delen. We kunnen maar beter goed met elkaar opschieten. Of tenminste goeie afspraken maken. Ik Het belang van onderwijs en opvoeding kan niet genoeg benadrukt worden, en met onderwijs bedoel ik niet zozeer het klassieke onderwijs , daartegen heb ik hier maar ook hier al zwaar gefulmineerd, maar een moderne opvoeding en dito onderwijs gebaseerd op vrije wil, op openheid, op interesses kortom op GOESTING. En bitte, zorg nu eens eindelijk voor dat basisinkomen voor iedereen, zodat niemand nog met de vinger gewezen kan worden. Maar ik wijk af.

Ik tik de verkoper op de arm: “oh denk maar niet dat alle Belgen zo zijn hoor, de meesten van ons, zijn gastvrij, vriendelijk en lief. “

Hij denkt weer even na.

Da’s waar, dat heb ik in België op vakantie ook ervaren.”

Oef. Zo hoort het.

charlier3

Bron: RBB museum.
J. Charlier, Multiple timbre-poste, 49 x 39 cm, Zeefdruk op papier, collectie van de Nationale Bank van België, Inv. nr. A001669, 2000. – Een ander duidelijk voorbeeld van het Belgicisme in het werk van Charlier; een postzegel met de personificatie van België wordt voorgesteld met de symbolen van haar drie gewesten: de leeuw, de iris en de haan

A fire(cracker) in the sky

Sylvester in Berlin: a fire in the sky

While the sun was bathing all over Berlin this afternoon, it is 5 °C, unusually hot for the time of the year, I would like to wish you all a year ( a life!) filled with empathy and compassion. Be nice to all creatures great and small but never forget to question the power 🙂

(all photos taken with my cell phone)

Oud en nieuw in Berlijn: a fire in the sky

Berlijn. Het is dinsdag 31 december 2013 en over ongeveer een uur is het al donker. Ik word getrakteerd op een fantastisch mooi licht en geniet met volle teugen vanop mijn fiets van dit strijklicht dat over mijn stad valt.

Laatste daglicht van 2013

Dom Berlijn 31/12/13

 

Een dik uur later drink ik mijn eerste en laatste Cuba Libre Cuba Librevan het jaar, lees de wensen van mijn Facebook-en/of echte vrienden, en probeer ik zelf ook zo een beetje de balans te maken van afgelopen jaar. Dat vond ik vroeger onzin, want is het niet dat je dat eigenlijk dagelijks moet doen? Uiteraard moet je dat dagelijks doen. Maar dit jaar, sorry vorig jaar dus, was een beetje anders.  2013 was voor mij persoonlijk een ‘(om)schakeljaar’. Geen paniek, ik heb het licht niet gezien of zo, dus lees gerust verder 🙂 Het is ‘gewoon’ dat dit jaar niet alleen gemarkeerd werd door de scheiding van een man met wie ik bijna een kwarteeuw veel lief en ook wel veel leed heb gedeeld (en geloof me, dat gaat niet in je kouwe kleren zitten en het roept meer vragen op dan je lief is) maar ook door een zich adapteren aan een maatschappij die niet de mijne is, aan een taal die ik niet beheers, aan nieuwe scholen voor de kinderen, aan het stadsleven en aan de zoveelste nieuwe woning.

Allemaal peanuts in vergelijking met de grote wereldproblemen, daar ben ik me heel erg van bewust. Maar op micro persoonlijk vlak zijn dit uiteraard serieuze klappen. We moeten daar niet onnozel over doen.

Ondanks het feit dat het dus op zowel persoonlijk als professioneel vlak een rampjaar was,  zie ik de toekomst glimlachend tegemoet. Want de projecten die er op stapel staan, zijn redelijk ambitieus én ontzettend realistisch.  Vriendschap is en blijft nog steeds één van de belangrijkste dingen in mijn leven en dit jaar heeft me ook duidelijk gemaakt op wie ik echt kan rekenen als het even écht niet meezit, ik heb leren loslaten, ik heb leren accepteren en  ik heb me te pletter geschreven. Ik weet hoe diep ik kan gaan, weet beter wat ik wil en vooral wat ik niet wil. Ik heb een ex die wel altijd één van mijn beste vrienden zal blijven, ik heb twee kinderen die verre van oppervlakkig zijn en waar ik zielsveel van hou; een passie of 2 waar ik graag in verdrink en een thuis in Berlijn, een niet perfecte groene stad waar doodgraag wonen, in een land dat niet in oorlog is met voorlopig nog genoeg eten op de plank. Dat is meer dan het gros van de mensheid kan zeggen. Ik tel mijn zegeningen dan ook elke dag.

Ik ben al heel vaak verhuisd, zowel in België als in Frankrijk en heb eigenlijk overal graag gewoond, maar Berlijn is mijn eerste grootstad. De stad maakte zich gisteren, 31 december; klaar voor haar traditioneel heel luidruchtig eindejaarsfeest.

ulmXmRC3VpeBMDS2xhP1f0Juet4gKJ2VjCJ1ypLyGg0Berlijn vuurwerk
Ik hou niet van vuurwerk, omdat het een ramp is voor de meeste dieren, omdat het verschrikkelijk vervuilend is en omdat het zo veel lawaai maakt en ik me iedere keer weer een ongeluk schrik.

Voor sensitieve personen (al dan niet menselijk) zijn deze geluiden echt hels. Ieder jaar zijn er ook ontzettend veel gewonden. Dat valt in Berlijn nogal mee, vergeleken met bv. Nederland waar het vuurwerkgebruik compleet uit de hand lijkt te lopen.

Maar toch heb ik besloten om vanavond op een dakterras van een hotel te gaan staan met een glaasje Sekt en om van het vuurwerk te genieten. Het is meer een kwestie van “if you can’t beat them, join them” en ik moet natuurlijk weten waarover ik spreek alvorens een oordeel te vellen. De journalist in mij komt altijd wel naar boven.

Het dak van het Montbijou hotel aan het Montbijoupark was voor de gelegenheid opengesteld aan het publiek. Met een vriendin begeef ik me naar de vijfde verdieping en het uitzicht is fenomenaal. Je hebt bijna een zicht van 360°. De Alexanderplatz met haar televisietoren, de Hermes van het museum waarvan de naam me niet te binnen schiet, de gebouwen op de Friedrichstrasse en de koepel van de Synagoge. Beneden rijden de trams en een beetje verder de S Bahn. Berlijnser kan bijna niet.

oudjaar

En hoewel het al de hele avond in de stad gonst en knettert, wat me ontzettend zenuwachtig heeft gemaakt. De hel breekt pas om middernacht echt los. En ik moet toegeven, het is een geweldig schouwspel, er is geen ontkennen aan. Het knettert langs alle kanten maar omdat we zo hoog zijn, is het geluid al wat gedempt. Het is een zeer klare nacht en het zien van de sterren met al dat vuurwerk is heel mooi. Al gauw kan je de televisietoren niet meer zien. We openen onze meegebrachte fles schuimwijn en drinken uit plastic bekers (niemand van het personeel dat daar aanstoot aan neemt) alvorens ergens rustig een laatste gemberthee te drinken. De straten liggen vol met afval en overal zijn er wel onverlaten die nog wat willen horen knallen. Heel veel toeristen ook.

Ik kruip om 3 uur moe van het wandelen en de kou mijn bed in maar slapen zit er niet in. Daarvoor prikken mijn ogen te erg. Milieuvriendelijk ? Ik dacht het niet. (Afschaffen dat vuurwerk en vervangen door veel modernere licht-en laserinstallaties lijken me een veel mens-dier en milieuvriendelijker alternatief.)

En nu is het dus 1 januari 2014. Ik wandel door de stad die niet zo verlaten is als ik dacht. Ik zie het afval en denk aan de mensen die dit morgen moeten opruimen, sommige feestgangers hebben het redelijk netjes gehouden:

Proper vuurwerk

 

 

 

Anderen dan weer helemaal niet.

The day after

The day after

Ik besluit 2014 alvast in te gaan met wat cultuur en stap het hof in van het Kulturwerk Berlin in waar naar verluidt dé tentoonstelling van het jaar plaatsheeft: Christoph Schlingensief.gqiCcoCJE-vSxtJ7KfB4FWQqNs09lJbWe0UW_KrJl0Q

Church of Fear

Church of Fear

Ik bewonder zijn Kerk van de Angst , in 2003 te zien op de Biënnale van Venetië, een erg sterke reactie op de (angst) politiek van Bush. Helaas besluit ik om een koffie te gaan drinken in het café‚ waar ik de Berliner Zeitung van gisteren weet te appreciëren.  Mijn dochter vervoegt me even later en vertelt me uitvoerig over haar nachtje uit. Heerlijk. Morgen wordt ze al weer 19. En oh cliché, het lijkt alsof ik vorige week haar luiers nog aan het verversen was.

Op de eigenlijke tentoonstelling geraken we niet meer. Tot daar alvast mijn goede voornemens om dit jaar nog wat meer aan cultuur te gaan doen :-D.

Een paar woorden van dank konden hier niet ontbreken: dank je Heidi , voor alles, dank aan jullie lezers voor het lezen van deze blog (jullie beseffen niet half wat dat voor mij betekent! ) en dank ook aan Berlijn voor jouw energie, je kracht, je weidsheid en je chaos waarvan ik het voorrecht heb om er in te wentelen. Dag in, dag uit.

Lieve lezer, duik in 2014, bewust, empathisch en volledig. Doe wel en zie niet om.

Berlijn: je bent nog steeds arm, maar of je nog altijd sexy bent…?

AfbeeldingIk ben over het algemeen de goedheid zelve. Een tamme goedzak. Een hoogsensitiefje heel waarschijnlijk. Maar soms ben ik boos. Heel boos. Ik ben ook maar een mens.

Om persoonlijke redenen hebben we ons appartement te koop gezet en zijn we op zoek naar een huurappartement. De verkoop ging van een leien dakje en volgende week hebben we al een afspraak bij de notaris, maar het huren van een appartement is een regelrechte nachtmerrie. En ik wik mijn woorden.

Ik ben een werkloze schrijfster (journaliste, huisvrouw, lezer, manusje van alles, schrappen wat niet past…) zonder inkomen, zelfs zonder werkloosheidsvergoeding. Er komt exact 368 euro per maand op mijn rekening. Dat is het kindergeld.

Ons gezin heeft jarenlang geleefd van de aankoop en verkoop van ons (woon)huis en hier en daar een zomerverhuur of een schnabbel. D. is sinds een aantal jaren officieel artiest en verkocht (en verkoopt) af en toe een schilderij en met dat alles kwamen we rond. Geen vetpot natuurlijk, maar dat is ook niet nodig. We leven redelijk sober in vergelijking met veel van onze werkende vrienden. En we leven rijkelijk in vergelijking met het gros van de wereldbevolking. Begrijp me niet verkeerd, ik tel mijn blessings elke dag! Echt waar.

Dat is de prijs voor de vrijheid.

Alweer een verhuis?!

Photo: (c) Louise Vangilbergen

Een andere prijs die je moet betalen, is dat je hier gewoon geen appartement kan vinden. Berlijn is volledig zot  aan ’t draaien: de stad, gekend om zijn goedkope huizen en  heerlijk luie leven, een stad waar de pintjes goedkoper zijn dan mineraalwater, waar de concertzalen legio zijn, waar er 170 musea zijn en een half miljoen bomen, deze stad is volledig aan ’t veranderen. Vorig jaar zijn er hier naar verluidt zomaar eventjes 40 000 mensen komen wonen. Aangetrokken door de kwaliteit van het leven heel waarschijnlijk. Want jobs zijn er niet echt veel. Er heerst woningnood hoewel er veel leeg staat. Investeerders kopen hele delen van de stad op.  Een ander probleem is dat er veel eigenaars en huurders hun flat verhuren aan toeristen. Eigenaars hebben geld geroken en verhogen genadeloos de huren. Ik heb vrienden die 500 euro betalen voor een 100m2. Maar dat is voorgoed verleden tijd. Vaak worden ze uit hun huis gezet onder het mom van restauratiewerken. Zodat de eigenaars de huur kunnen verhogen. Nu moet je zo’n 1200 euro voor een 100m2 neertellen. Dat is nog niet veel in vergelijking met steden als Parijs of Londen maar in een stad waar een verpleegster vaak maar 1000 euro verdient en de uurlonen vaak niet hoger liggen dan 5 euro/uur moet je redelijk blijven.

Immo Berlijn

Immo Berlijn

Met de koop is het al niet veel beter gesteld. Eén jaar geleden hebben wij een loft gekocht in het voormalige Oost Berlijn. Dat hebben we gekocht met het geld dat we verdiend hadden door de verkoop van ons huis in Zuid Frankrijk. Nu hebben we onze loft te koop gezet. Eén (1) bezoek was er nodig om het te verkopen.

Er is blijkbaar zo’n tekort aan woningen die niét door investeerders worden opgekocht, dat individuele kopers al lang blij zijn dat er iets overblijft. Ik hoop echt dat onze kopers (een Berlijns koppeltje, helemaal in de wolken) hier gelukkig zullen zijn, maar eigenlijk twijfel ik daar niet aan. Ik vind het erg leuk dat ons “thuis” overgaat in een ander “thuis”.

De immobiliënsector boomt en op zich is dat een goeie zaak, een stad is een levend iets, ik doe daar echt niet flauw over en profiteer ook mee van deze trend. Bovendien waren de huur- én koopprijzen in Berlijn echt wel belachelijk laag en konden die wel een opwaartse boost gebruiken. Maar het gaat allemaal veel te snel en alle verhoudingen zijn zoek. Veel Berlijners kunnen het al lang niet meer trekken, en gaan op zoek naar alternatieven. Er zijn nog geen ghetto’s zoals in de Parijse banlieues maar de kans is groot dat die er binnen de kortste keren wél gaan zijn. Het tij kan nog gekeerd worden, maar dan moet er nu worden gereageerd. Dat gebeurt al wel. Zo zijn er bijvoorbeeld in het stadsdeel Pankow strikte regels opgesteld zodat speculatie er erg moeilijk wordt.

Die woningnood betekent natuurlijk ook dat er voor één woning vele kandidaathuurders zijn. Ik heb al zo’n 11 woningen bezocht. Het is een halftijdse job.

Soms zijn ze al verhuurd voor er bezoeken zijn geweest.

Vaak bezoek je die appartementen samen met andere kandidaten, soms krijg je een enkel bezoek en ontvangt de makelaar je persoonlijk. Dat mag ook wel, de makelaar krijgt immers een flinke provisie, meestal zo’n 2 keer de huur + BTW.  Als huurder moet je dus zélf op zoek naar een woning  én moet je bovendien nog een makelaar betalen. In de meeste appartement staat geen inbouwkeuken dus dat moet je ook nog betalen. Als je er dan terug uitgaat, verkoop je die door aan de nieuwe huurder of neem je je keuken terug mee. Goed gezien van de eigenaar: geen kosten voor aankoop en geen risico op brokken. Iedereen wint, behalve de huurder uiteraard. Die is de pineut.

Bovendien moeten én de makelaar, én de Hausverwaltung (een soort Huurraad) én de eigenaar akkoord gaan met je kandidatuur.

Als je een woning wil huren, moet je dus alles op tafel leggen, letterlijk: je persoonlijke financiële situatie, je huisdieren, er wordt zelfs gevraagd of je een muziekinstrument bespeelt. Ik heb over mijn basgitaar en dochter’s drumstel wijselijk gezwegen 🙂

Nu begrijp ik dat je als eigenaar op zeker wil spelen. Ik ben zelf al jaren eigenaar. Huurders worden erg goed wettelijk beschermd. Dus is het erg belangrijk dat je voor de juiste huurders kiest. Maar er zijn grenzen. Het feit dat we geld op de bank hebben staan is voor hen geen garantie. Er moet namelijk maandelijks geld binnenkomen. Mijn Schufa (soort van officieel papier dat laat zien welke leningen je hebt lopen en welke schulden je hebt) is maagdelijk (en dat is blijkbaar uiterst zeldzaam) en onze loft is bijna verkocht . Bovendien staat er genoeg op de bank om de 3 maanden garantie, de 2,5 maand provisie aan de makelaar (!), de kosten voor de nieuwe keuken én 12 maanden huur te betalen. Wat wil een mens nog meer?? Wel, ze willen nog veel meer. Je wordt genadeloos uitgekleed en vernederd. Want het is blijkbaar beter om een baan te hebben, zelfs als je je elke avond genadeloos lazarus zuipt, 2 pakjes St Michel zonder filter per dag rookt, de coke genadeloos door je neusgaten jaagt, je huur al eens vergeet te betalen en het net gerenoveerde appartement in no time naar de verdoemenis helpt, een grote auto voor de deur hebt staan om je vrienden jaloers te maken, zelfs dan zal je nog steeds de voorkeur hebben op iemand als ik.

Iemand die niet in een hokje past. Iemand die creativiteit en vrijheid hoog in het vaandel draagt, die liever studeert en schrijft en leest en aandacht heeft voor anderen. Iemand die thuis is als de kinderen van ’t school komen en die een carrière niet nodig heeft om zijn/haar ego te boosten. Iemand die dus perfect in een zogenaamde creatieve en onconventionele stad past. Of dacht te passen.

Waar moeten al die kunstenaars gaan wonen? De start up mensen? De muzikanten? De schrijvers?

Ik ben boos. Echt boos. Ik weet dat ik de gevolgen van mijn (al dan niet) professionele keuzes moet dragen, maar ik vind dit zo onrespectvol, zo getuigen van kleinburgerlijkheid, zo dwaas en dom en onrechtvaardig…

Hoelang gaat Berlijn zijn reputatie als creatieve hoofdstad nog kunnen waarmaken?

Je kan geen krant of artikel over deze stad openslaan of men citeert er wel ergens “Berlijn is arm maar sexy”, ooit opgetekend uit de mond van Klaus Wowereit, onze ietwat excentrieke burgemeester die stilaan maar zeker zijn pluimen aan het verliezen is. Zijn stad, waar ik zielsveel van ben beginnen houden, is een ruwe diamant. Met de nadruk op ruw. Het is hier ongelooflijk zalig wonen, het vele groen en open spaces zijn geweldig, de mensen over het algemeen vriendelijk en open, op cultureel gebied valt er onwaarschijnlijk veel te beleven,  en –kers op de taart- vegetarisch/vegan eten is hier meer regel dan uitzondering. En zelfs het klimaat valt hardstikke mee, iets wat lekker meegenomen is, want dat had ik al helemaal niet verwacht.

Maar deze situatie moet worden rechtgetrokken, zodat Berlijn Berlijn blijft en niet overgaat in een steriele Europese stad, zoals er tegenwoordig al te veel zijn.

Foto: Nathalie Dewalhens

Meer lezen?

Artikel (Engels) over de immobiliënboom uit Der Spiegel en zeer goeie blogpost van Vincent Kompier over verdwenen Berlijners.