Soms is toeval wel erg … euh…toevallig.

Afbeelding

Als overtuigd atheïst moet je al van heel goede huize zijn om me ervan te overtuigen dat er hogere krachten zijn in dit leven. Maar soms, heel soms, wankelt mijn (on)geloof en lijkt het wel alsof er iemand aan de touwtjes trekt.

Iedereen kent het wel: de dromen die uitkomen, het denken aan iemand en die dan de volgende dag op straat tegenkomen, het lezen van een bepaald boek en dan in exact dezelfde situatie(s) terechtkomen, het voorgevoel van nakend onheil en dan oeps! in een hondenstront stappen…

Ondergetekende denkt, neen, wéét dat het toeval is, dat dromen bijvoorbeeld veel meer niét dan wel uitkomen, is maar zelfs een rationalist als ik, kan niet ontkennen sommige situaties wel echt onwaarschijnlijk zijn.

Lees wat me zaterdagavond overkwam:

Mijn vriend en ik volgen al jaren de kunstenaars van de zogenaamde “Nieuwe Leipziger School”. Deze is heel eng verbonden met de Hogeschool voor Grafische-en Boekdrukkunst. In Leipzig, maar dat had je al wel begrepen.

Kunstenaars als Neo Rauch, David Schnell en Matthias Weischer zetten met hun abstract-figuratieve kunst de fameuze Leipziger traditie voort.

Afbeelding

Het zijn ongelooflijk knappe werken, met heel veel respect voor de traditie maar ondertussen ook ontzettend hedendaags. Neo Rauch heeft momenteel trouwens een overzichtstentoonstelling in Brussel, in de Bozar. Aanrader!

Afbeelding

Eigen+Art is de belangrijkste vertegenwoordiger van deze werken en eigendom van Gerd-Harry Lybke. Deze is begonnen als model bij de Hogeschool en na de val van de muur in 1989 internationaal aanzien als  één van de belangrijkste pleitbezorgers van Oost-Duitse kunst.

Op die verbazend minimalistische (water en witte wijn) heropening van de Eigen+Art galerij is het aanschuiven en wachten om de werken te zien. Het succes is overdonderend en het verbaast me iedere keer weer hoe open en vriendelijk en gespeend van enige arrogantie Berlijn is. Het publiek is een mix van hipsters en arty farty people, studenten die een gratis wijntje komen scoren, vrouwen met rimpels en een bontjas, verzamelaars met een dikke portemonnée en authentieke bewonderaars van de artiesten met een lege portefeuille…

Afbeelding

We hebben een afspraak met een vriendin die we algauw in de massa weten te ontwaren. Ze is aan de praat geraakt met een al wat oudere man die er wel best sympathiek uitzag. Het blijkt de lichtingenieur te zijn.

De galerij is net 8 maanden dicht geweest voor werken en hij was één van de verantwoordelijken voor het licht. Zijn website vind je hier.

Ellie, onze vriendin, vertelt hem dat ze normaliter in Frankrijk woont, maar dat ze momenteel 2 maanden in Berlijn woont en werkt. Het gesprek komt aldus algauw op Frankrijk waar hij blijkbaar 15 jaar met heel veel plezier heeft gewoond. Met veel deductie komen ze er uiteindelijk achter dat ze in hetzelfde departement woonden. Meer nog, in dezelfde regio. En dan blijkt dat de Schlaefles in ons eigen dorp woonden, dat dorp waar we 5 jaar hebben gewoond en waar we een deel van ons hart hebben gelaten!

Sterker nog: we kennen hun huis heel erg goed want het behoort nu aan een familie Zwitsers en we hebben vaak op hun huis gepast als ze weg waren.

“Ons” dorp telt 300 zielen dus je begrijpt dat deze ontmoeting wel ongelooflijk toevallig is. Om in een stad als Berlijn (3,5 M inwoners) nu net die persoon op een feestje uitpikken is wel ontzettend straf. (Ik verdenk Ellie van een derde oog te hebben en zal in het vervolg haar met respect bejegenen 🙂

Sterker nog,  dat die persoon in Frankrijk heeft gewoond (64 M inwoners) en dan nog in “ons” dorp! Wel, ik ben nooit een kei geweest in kansberekening (understatement) maar de kans lijkt me dus wel minimaal. En toch is het gebeurd. Heel natuurlijk.

Herr Schlaefle moest er helaas weer vandoor maar ondertussen zijn we wel uitgenodigd om herinnering aan “ons dorp” op te halen. Afspraak zondag ergens aan de Kürfurstendamm.

Foto’s: Alle foto’s komen van de website of Facebookpagina van Eigen+Art.

Advertenties

Overwinteren in Berlijn: een handleiding

Overwinteren in Berlijn: een handleiding

Foto: Erwin Olaf

Foto: Erwin Olaf

Tientallen artikels en blogposts zijn er al verschenen over de legendarische Berlijnse winters.
Hier kan je er eentje lezen. En ook hier. Of hier.  Een hele mooie is ook deze van Joseph Pearson.

Berlijnse winters. Het is me wat. Volgens mij worden die zwaar overdreven. Vraag eender welke Berlijner naar de Berlijnse winter en hij zal altijd zeggen dat het vorig jaar nog erger is geweest. Er zouden hier maar 2 seizoenen zijn.Terwijl ik er toch 4 tel. En dat het gebrek aan licht echt wel op het gemoed werkt. En dat die zo lang duurt.

Ja, het is allemaal waar, MAAR… het is ook waar dat de wintermaanden en dan vooral januari en februari in mijn vorige woonoorden in Frankrijk, op Corsica of in België ook niet bepaald de leukste waren.

De winter is vandaag zo ongeveer halfweg en ik wilde ook even vermelden hoe wij tot nu toe de winter zijn doorgekomen.

Het is onze eerste winter in Berlijn. En we hadden er niet bepaald naar uitgekeken. Na negen jaar in het Zuiden te hebben gewoond, heb je een chronische afkeer van de kou en van de grijze luchten, geloof me vrij.

Maart 2010 in Zuid-Frankrijk

Maart 2010 in Zuid-Frankrijk

Maar het was onze keuze en we waren erg goed voorbereid. Geen blauwe luchten hier, maar grijsheid troef. Gecombineerd met de lelijkheid van de stad en de eeuwige bouwwerven nu niet bepaald zaligmakend. Maar, een hele grote maar is hier aanbevolen, want min 5 in Berlijn is niet hetzelfde als min 5 in Avignon. Onder de Zuiderse staalblauwe luchten is het vaak een aantal graden onder nul in de winter. De ijskoude mistral krijg je er gratis bij. Daartegen kan je je echt niet wapenen. Geen technische kleding houdt het tegen. Volgens mij zou zelfs een ijsbeer het koud hebben. Echt, het is onwaarschijnlijk. Bovendien zijn de meeste huizen en bars en restaurants er niet op voorzien en worden die nog elektrisch verwarmd (!). En cultureel gesproken is het het grote niemandsland. Dat is hier wel even anders! En ja, het is januari en het vriest dat het kraakt. Maar zo hoort het toch, niet? En wat meegenomen is, is dat het een pak minder nat is dan in onze Lage Landen. Ik moet zeggen dat ik dat echt niet erg vind. Maar grijs is het dus wél.

Die grijze winter in Berlijn overleef je volgens mij makkelijker dan de blauwe Zuiderse winters. Hier is hoe je volgens mij de Berlijnse winter in moet springen:

1. Duik in één van de vele café-antiquariaten zoals Café Tasso. Je koopt een boek, drinkt een koffie, eet een bio-lunch en als je tot ’s avonds blijft, kan je er zelfs een gratis concert meepikken.

2. Duik in je sportclub. Meestal hebben die ook een sauna. Het heeft me alvast één maat doen verliezen. En ik ga voor een tweede 🙂

3. Shop till you drop in één van de vele vreselijke shopping malls die Berlijn rijk is. Interessanter, maar ook leuker en kouder, is shoppen in de heel persoonlijke boetiekjes in Kreuzberg of Friedrichshain. Solden beginnen al net na Kerst. De geweldig gezellige cafeetjes krijg je er gratis bij.

3. Trek je warme kleren aan en ga wandelen (zie ook andere blogposts), skaten, schaatsen,

Schaatsen in Neukölln

Schaatsen in Neukölln

rodelen…  Met zijn vele parken is Berlijn een paradijs voor wandelaars. En een half uurtje metro brengt je naar super leuke meren en wouden. Leuk toch?

4. Duik in het nachtleven. Legendarisch Berlijn. Clubs als de Berghain of de Cosmos hoeven geen introductie. En slaap ’s anderendaags uit.

5. Duik in je sofa. Videotheken zijn hier uitstekend, heel goedkoop en vaak bijna 24 u op 24 open. En het is dé ideale periode om je achterstand inzake beestig goeie Amerikaanse series in te halen. Breaking Bad, Treme, The Newsroom, …ik zeg maar wat. (stuur me een mailtje als je nog meer tips wil).

6. Of ga naar één van de vele cinema’s. Een hele leuke is bv. Intimes in Friedrichshain. Of de héle mooie Kino International

Kino International

Kino International

in onvervaarde Sovjet stijl. Wel oppassen dat je niet naar een Duits gesynchroniseerde film gaat. Want dat is echt niet te harden.

7. Brunchen -brunchen-brunchen. Het is een hele kunst hier en het is zalig, zelfs voor mensen zoals ik die eigenlijk niet tot 10 uur kunnen wachten om iets te eten.

(In mijn volgende post stuur ik jullie mijn 5 favoriete brunchadressen, beloofd!)

8. Werk 2 keer harder dan normaal, vooral als je zelfstandige bent. In de zomer is het hier nog eens zo leuk en ga je automatisch minder hard werken.

9. Eindelijk tijd om alle bezienswaardigheden en galerijen van Berlijn te zien. Dat lijkt in tegenstelling met het vorige punt nl dat je harder moet werken maar de boog kan toch niet altijd gespannen zijn. En er moet altijd creatieve input komen. Geen files, geen volk in de winter, geweldig gewoon. Berliner Dom, de galerijen van de Auguststrasse, de oude Stasi gevangenis…het is maar een greep uit de honderden adresjes!

Berlinale 63

Berlinale 63

10. Berlin Fashion Week, Berlinale, Eat Berlin,…. allemaal festivals die in de winter plaatshebben. Voor ieder wat wils en vaak van heel hoog niveau.

11. En je laatste duik doe je  in één van de hammams waarvan Neukölln Stadtbad waarschijnlijk de gekendste is. Je mag er een halve dag in rondlopen en -zwemmenvoor 14 Euro. Absoluut in tegenspraak met punt 8 en punt 9 en zelfs punt 10 MAAR je kan het in familieverband doen en combineren met één van de leuke eet-of brunchadresjes in Neukölln. Niet voor niets heeft de  Nederlandse fotograaf Erwin Olaf hier vorig jaar nog foto’s genomen. De foto bovenaan deze post is er bijvoorbeeld eentje van.

Winter? Echt niet bang van hoor. Les doigts dans le nez, fingers in the nose. En hop, de vogeltjes fluiten al weer in februari en voor je het weet, is de lente weeral daar en is het alweer terrasjesweer. Altijd gevaarlijk maar zeer goed voor de creatieve input 🙂

Als je me nu even wil excuseren, ik heb mijn glühwein graag warm…

 

Oost Berlijn 2013

Oost Berlijn 2013

Die Märchenhütte

La Baraque.Théatre Dromesco. (Foto: website).

La Baraque.Théatre Dromesco. (Foto: website).

 

Eén van mijn mooiste theaterherinneringen  La Baraque, een samenwerking van Igor en Lily van het Théatre Dromesko uit Frankrijk en het theater van de gebroeders Forman (dé gebroeders Forman) uit Praag. Wat meteen ook de Slavische ziel van het stuk verklaart. Het was ergens in de jaren negentig van de vorige eeuw. We woonden toen nog in Tervuren bij Brussel en hadden afgesproken met onze prachtige Lierse vrienden in een “barak” aan het Jubelpark.

Als bijna complete theaterleek was La Baraque voor mij (en ik denk hier ook voor mijn vrienden te spreken) een openbaring.

Zó leuk kan theater immers zijn, zo veelzijdig, zo poëtisch ! En dit zonder arty farty hulpstukken laat staan bloed of naakt op de scène.  Neem gewoon een ouwe houten barak, een aantal tafels waar de toeschouwers aan plaatsnemen, warm de huisgemaakte borscht op en hou de wijn op temperatuur. Even shaken die mix en dan begint het spektakel. Er wordt geacteerd, gemusiceerd, de poppen gaan letterlijk aan het dansen, de glazen blijven vol en het geluk in de zaal is bijna fysiek tastbaar.

Ik word weer helemaal warm vanbinnen als is eraan terugdenk.

En laat ik nu onlangs hetzelfde gevoel terug hebben ervaren!

Maerchenhuette-aussen-Ausschnitt_Foto-Heinrich-Hermes

Maerchenhuette-aussen-Ausschnitt_Foto-Heinrich-Hermes

Ditmaal in Berlijn, in de Märchenhütte, (Sprookjeshut) hartje stad net tegenover het Bode-Museum, aan de oever van de Spree.

Die Märchenhütte

Die Märchenhütte

Twee 200 jaar oude Poolse hutten werden op het dak van een Berlijnse bunker herbouwd. Hoe dat in zijn werk ging, kan je hier zien.

Geen wijn en soep deze keer, maar glühwein, warme chocolademelk en appeltaart.

Het is een Sprookjeshut. En een namiddagvoorstelling. Voor kinderen. Juist ja, maar waarom zijn er dan zo weinig kinderen in de zaal euh hut ? De glûhwijn warmt mijn hart en mijn handen. Het is winter in Berlijn, nog geen vier uur in de namiddag en al donker. En het is pokkekoud. Zoals het hoort.

De sprookjes die vandaag worden gebracht zijn Rapunzel en De Gelaarsde Kat. Het zijn Grimm sprookjes en die zijn inderdaad vaak grimmig. Daarom zijn er ook zoveel volwassenen aanwezig, denk ik. Sprookjes werden oorspronkelijk immers niet enkel voor kinderen geschreven. Ik vind dat logisch. Vaak zijn de verhalen hard en tragisch.Twee acteurs van wie het spelplezier duidelijk afstraalt, volstaan om de zaal euh…hut aan het lachen te brengen. Het decor is minimaal. Maar het effect maximaal. Vooral De Gelaarsde Kater is een knaller. Mijn zoon van negen vindt het prachtig ( zelfs al is de heks in Rapunzel “echt wel heel eng hoor mama”).

Wat ook zo leuk is, is dat het team ook sprookjes brengt die uitsluitend voor volwassenen zijn bedoeld. Ze zijn meestal erotisch getint of hebben een hoog horror gehalte. Of misschien is het wel een combinatie van die 2 :-). Zodra mijn Duits een beetje beter is, ga ik er naartoe en breng ik zeker verslag uit.

Kinder-in-der-Maerchenhuette_Foto-Bernd-Schoenberger-837e439a

Kinder-in-der-Maerchenhuette_Foto-Bernd-Schoenberger

De ‘Maerchenhutte’ is een winterproductie van Hexenkessel Hoftheater. Eind februari gaan de hutten onherroepelijk dicht. Maar niet getreurd, dezelfde bende ongeregeld speelt vanaf mei in het Amphitheater. Ook dat wordt ter plaatse gebouwd. Hoe dit dan weer gebeurt, kan je hier zien. Ideaal als je in de zomer Berlijn bezoekt, want er wordt tot eind september gespeeld.

Kaarten voor de Maerchenhutte kan je alvast hier bestellen, wees er snel bij, het is heel snel uitverkocht.

Oh en ook dit nog: in Berlijn is het heel moeilijk om honger en dorst te lijden en dus kan je je hongerige mens in je bevredigen in de wel zeer gezellige der “Pizzeria Rifugio di Napoli” net naast de hut. Ook hier best even reserveren.

Maerchenhuette-innen_Foto5-Bernd-Schoenberger-7663c31b

Foto: Bernd Schönberger

Alle info vind je op hun website.

Lange Nacht der Museen

Lange Nacht der Museen

Twee keer per jaar is het weer zover. Tijd voor een stevige portie museumcultuur.Want 2 keer per jaar zijn een flink aantal Berlijnse musea (110 dit jaar om precies te zijn) open tot 2 uur ’s nachts.

Voor max. 18 Euro kan je ze allemaal bezoeken. Wat onmogelijk is uiteraard. 110 musea + alle randanimatie is een beetje te veel van het goede. Het programmaboekje alleen al telt meer dan 200 blz.

Dit jaar is het bovendien wel een hele speciale lange nacht  want Berlijn is jarig. De stad is 775 jaar jong.  Nu dat is meer een reden om te feesten dan een belangrijk geschiedkundig feit maar het is wél zo dat er op een oorkonde uit 1237 de naam Berlijn voor het eerst voorkwam, samen met de naam van zijn zusterstad Cölln. De graven Johan I en Otto III zouden de stad Berlijn-Cölln hebben gesticht.

Trouwens, in 1987 vierde Berlijn zijn 750ste verjaardag. En de stad zal zeker zijn 800ste verjaardag vieren. Want feesten, daar staat Berlijn wel voor bekend.

We besluiten met het hele gezin deel te nemen. Maar hoe krijg je 4 verschillende persoonlijkheden waaronder een kind van 9 en een meisje van 17 zo ver dat ze geïnteresseerd zijn in dezelfde musea?

Heel simpel, je begint met de jongste. En bij één van de dichtstbijzijnde musea. Makkelijk zat: dat is het Computerspelmuseum op de Karl Marx Allée. Dat is mazzel hebben, want E. is een nerd en dit museum is voor hem een soort Walhalla ! We betalen aan de ingang 42 euro voor ons vieren. Daar zijn niet alleen de toegangstickets maar ook de speciale concerten en evenementen en ook het openbaar vervoer mee inbegrepen. Ook zijn er zes speciale busroutes in het leven geroepen. Het lijkt veel geld maar als je weet dat de meeste musea zo’n 8 euro kosten en een tramkaartje 2,40 euro dan haal je dat er echt wel uit. En de gezellige sfeer krijg je er dan ook nog bij.Afbeelding Het Computerspielmuseum in Friedrichshain is alvast een schot in de roos. Lara Croft en één of andere Pokémon wachten ons op aan de ingang en binnenin verdwalen de kinderen in computergeschiedenis. Ik haal de nostalg in mij boven en kan lekker op de Atari pok pok spelen (weet je nog wel? Dat spel met 2 streepjes en een stip die de bal moest voorstellen?). Ondertussen is vaderlief alvast een koffie gaan drinken in het Sybille Cafe even verderop op dezelfde Allée. De service is niet erg snel, zoals zo vaak in Berlijn, maar het heeft iets weg van een Parijs ‘Grand Café’. Het is gevestigd in een “Arbeiterpaläst” en bestaat al sinds de jaren vijftig. Momenteel loop er een  interessante semi-permanente tentoonstelling over de bewogen geschiedenis van de Karl-Marx-Allee vanaf de jaren veertig van vorige eeuw.

Het kan de kinderen heel wat minder boeien.

Speciaal voor de Lange Nacht openen zij hun dak om vanaf daar een prachtig zicht over Berlijn te genieten. Maar daarvoor moeten we nog een half uur wachten en we besluiten om naar de Humboldt Box te gaan waar je boven ook van een geweldig uitzicht over de stad geniet.

Je moet een paar trappen op, en het redelijk smaakloze “ik was hip in de jaren negentig en een stuk van de jaren 2000”restaurant door, maar je geniet er wél van een fenomenaal uitzicht. De Humboldt Box is een controversieel project dat zichzelf voorstelt als “the showcase for a future project”. Dat nieuwe project zou het Humboldt Forum worden. Het is fantastisch gelegen, hartje Berlijn, op het Museum Eiland. Voor je helemaal boven bent, passeer je een resem tentoonstellingen waarvan ik eerlijk gezegd door de bomen het bos niet meer zie. De ruimtes zijn ongetwijfeld zeer knap, maar wat een chaos! Er is een deel Berlijnse geschiedenis, twee verdiepingen bevatten een deel van het Museum voor Etnologie. Het is niet oninteressant en bovendien mooi vormgegeven, maar ik zie weinig visie.

Op het Schlossplein, op de plaats van het toekomstige Humboldt Forum, is er een plan van Berlijn getekend. Op schaal 1:775. Met heel wat wetenswaardigheden rond migratie in de stad. Danseressen dwarrelen op verschillende plaatsen rond en verwoorden al dansend het migratiegevoel. Ik heb zin om mee te dansen.Afbeelding

Aan de rand van het gebeuren staat een standje waar je voor een paar euro’s gemasseerd kan worden. Ook dat is typisch Berlijns.

Jammer genoeg kan men niet leven van cultuur alleen en de honger begint te knagen. Het is 22h00. Niet ongewoon dus. Het is nog steeds extreem zacht en we nestelen ons op een terrasje in één van de vele restaurantjes aan de Spree met zicht op het Pergamonmuseum.

De pizza’s zijn correct en zelfs op deze uiterst toeristische plaats meer dan betaalbaar.

Er kan nog nog een museumpje af en dat wordt, hoe kan het ook anders, het DDR museum. Onze oudste vergaapt zich aan de retro interieurs en afschuwelijke kleren en de jongste vindt het interactieve aspect van dit museum wel leuk. Je mag immers heel veel laatjes openen en sluiten en overal aan prullen. Je mag zelfs in een  Trabantje zitten en toeteren. Het museum is veel te vol en naar mijn gevoel romantiseert het die hele DDR tijd wat veel, maar ik merk dat er nu toch iets meer aandacht aan de politiek wordt besteed dan bij mijn laatste bezoek, een aantal jaren terug.

Nog één ijsje, één, en dan hop naar de Alexanderplatz. De U-bahn brengt ons terug naar huis. Dit was een testcase: volgende keer zeker opnieuw !