Berlin Art Week. Part 2.

Emilio Rangel

Zoals beloofd: hierbij een foto van Rangel’s crazy creatures:

Maar helaas, geen tijd om hier verder bij stil te staan. Dat gebeurt thuis wel, in de stilte van het internet.

ABC

Manlief vertrekt ’s anderendaags naar de “echte” art fair, de “abc art berlin contemporary” in de Luckenwalder Strasse.

126 galerijen uit 19 landen. Met naar verluidt een veel groter arty farty gehalte dan de Preview.

Zoals ik al eerder zei: je moet een keuze maken uit de honderden activiteiten die er dagelijks plaatshebben in Berlijn. En als moeder is je keuze al een pak beperkter. Dat is absoluut niet erg, maar het vraagt uiteraard een andere invalshoek.

Lange Nacht der Bilder

Zo besluiten we op zaterdag samen met de kleinste naar de “Lange Nacht der Bilder” in Lichtenberg te gaan. Het kunstenaarshuis HB55 in de nabijgelegen Herzbergstrasse houdt een soort van opendeurdag  en we willen eens weten wat daar allemaal huist. Kunstenaarshuizen heb je wel meer in Berlijn. Dat zijn oude brouwerijen of fabrieken waarin kunstenaars huizen of op zijn minst hun atelier hebben. Ze ontstaan meestal in de goedkopere buurten van Berlijn. Nadat de artiesten zich er hebben gevestigd, volgen de hippe cafeetjes, winkeltjes enz. en is het hek van de dam. De arme buurt wordt hip en de prijzen stijgen. Waardoor er weer gezocht moet worden naar andere buurten en het hele proces kan opnieuw beginnen.

Volgens een artikel dat ik recent heb gelezen zouden er zelfs een soort buitenwijken ontstaan, waar diegenen die echt uit de boot vallen door de prijsstijgingen in de stad, hun toevlucht moeten gaan zoeken. Dat is een fenomeen dat Berlijn nog niet kende, tenminste niet op zo grote schaal. Het is nog niet echt vergelijkbaar met de Parijse banlieus, maar het zijn wel echte kruitvaten en er moet dus absoluut een halt aan toegeworpen worden. Maar het Berlijnse stadsbestuur doet weinig of niks aan het probleem. Maar ik wijk af.

Lichtenberg is zo’n stadsdeel dat verre van hip is, maar waar eventueel zo’n nieuwe scène kan ontstaan rond zo’n kunstenaarshuis bijvoorbeeld. Echt voorspellen kan je zoiets nooit. Ik zou alleszins al blij zijn met een hip cafeetje in mijn buurt, zodat ik ’s morgens, bij het uitlaten van de honden, de dag kan beginnen met een krant en een koffie.

Er is geen koffie op de vernissage van de groepstentoonstelling in HB 55, wel Sekt en de onvermijdelijke curryworst.

Wat ik gezien heb, brak nu niet direct potten maar ik heb wel  geweldige houten structuren ontdekt, gemaakt van oa. oude Berlijnse treinbielzen. We hebben ook de kans gehad om een (klein)aantal ateliers te bezoeken. Sommige zijn geweldig, andere dan weer iets te klein voor Dominique die toch grote werken maakt. Maar hij is niet overtuigd. Uiteindelijk is de huurprijs toch zo’n 10 euro per m2 en thuis hebben we ruimte zat.

Verderop in diezelfde straat, staat een nieuw collectief op: de oude gieterij . En onze drumleraar geeft les in een ander gebouw, ook al in diezelfde straat. In dat gebouw repeteren niet minder dan 200 groepen! Niet te verwonderen, want waar in Berlijn vind je nog een repetitiekot voor 200 euro per maand? ?Met Lichtenberg als typisch Oost-Duits stadsdeel, zijn er na het vallen van de muur in 1989 enorm veel fabrieksgebouwen gesloten. Deze staan dus al meer dan 20 jaar leeg. Het wordt dus tijd dat ze een nieuwe, en dan nog het liefst typisch Berlijnse (ttz.creatieve) bestemming krijgen.

In het programmaboekje ontdek ik dat op ons “Hof” een kunstenaar woont. Een zekere Christian Awe, een naam die ik al een paar keer in het straatbeeld was tegengekomen.

Ook bij hem is het “open atelier” en ik kan mijn gezin overtuigen om even langs te gaan. Awe is een graffiti artiest en staat mijlen verwijderd van D.’s kunst. Maar zodra we zijn dakappartement betreden, beseffen we dat we hier niet met een broekie te maken hebben. Dit is een rasartiest, afgestudeerd aan de Universiteit der Kunsten in Berlijn, onder het welziend oog van niemand minder dan Baselitz en Daniel Richter. Echte street attitude ook. Zijn appartement/atelier is lichtelijk fantastisch. Op het terras staan Afrikaanse (aaaaah wat goed, eindelijk terug Frans te kunnen spreken!) muzikanten te …euh…musiceren. En het uitzicht over Berlijn is grandioos. Eten en drinken zijn meer dan aanwezig, het gezelschap sympathiek en Christian zelf een zeer aangename kerel en zo op het eerste zicht een open boek. Het is pas in zijn atelier dat we een idee krijgen van zijn kunnen. Honderden spuitflessen staan netjes gerangschikt en de paar werken die we hebben mogen aanschouwen zijn veelbelovend. Eén triptiek was zelfs indrukwekkend, een bijwoord dat ik niet snel zou gebruiken bij het aanschouwen van abstracte kunst.

Awe werkt al meer dan 3 maanden aan de beschildering van één van die typische Oostduitse gevels in de Frankfurter Allée Lichtenberg. 500 m2!

Howoge building on the Frankfurter Allée in Lichtenberg. Art by Christian Awe. Photo by Nathalie.

Een titanenwerk, zelfs al heeft ie 5 assistenten én werkt hij 7 dagen op 7. De hele buurt wordt hiervoor aangesproken. En die is heel enthousiast, getuige de meer dan 1000 kinderen die al hebben meegedaan aan de (gratis) workshop op vrijdagnamiddag.

Lichtenberg wil een openluchtmuseum worden en zijn Oostduitse plattenbau gebruiken als platform voor innovatieve kunstenaars. Christian Awe is de eerste, maar liefst  4 andere projecten zijn nu al goedgekeurd.

Even, heel even maar, droom ik van één van D. “Paradise People” op zo’n gevel.

Hoewel we van plan waren nog wat andere ateliers te gaan bezichtigen, eindigt de avond al dansend aan de voet van de muurschildering, ergens op de Frankfurter Allée.

Advertenties

Berlin Art Week. Part one.

Art in Berlin

Tempelhofer Airport

Wonen in Berlijn is als leven in een delicatessenwinkel. Of, maar dat is heel persoonlijk natuurlijk, een boekenwinkel. Je ziet allerlei heerlijkheden of gewéldige boeken staan, enkele – wel vele eigenlijk- walgelijke ook, in alle mogelijke prijsklassen. Je hebt zin in 56 verschillende dingen. Maar je weet dat je redelijk moet zijn. Soms ga je naar buiten en heb je niets gekocht, het aanbod was te overweldigend. Maar vaker is het dat je buitenkomt met tassen vol heerlijkheden, waarvan de voorpret, het ruiken, voelen, bekijken, bijna even lekker is als het echte consumeren.
Zo is het deze week bijvoorbeeld Berlin Art Week. Het is de eerste keer dat deze hedendaagse kunstweek wordt georganiseerd. Het is eigenlijk een samengaan van verschillende Art Fairs (m.n. Preview Berlin Art Fair en ABC art berlin contemporary) en enkele gekende instituties zoals het Haus der Kulturen der Welt of het Hamburger Bahnhof.

Blauwe luchten, andere werkelijkheden
D. en ik beginnen de week met een bezoek aan enkele galerijen in de Auguststrasse. Onze favoriete galerij Eigen+Art is dicht, maar ze hebben wel een bijgebouw boven de oude Joodse school in dezelfde straat. In dat Eigen+ Art Lab is er werk te zien van de Franse kunstenaar Marc Desgrandchamps. Zijn “Palindromen” hebben geen titel maar zijn van een verstilde schoonheid. Zijn blauwe luchten herken ik maar al te goed. Het is het blauw dat ik net heb ingeruild voor de meer melkwit-blauwe luchten van Berlijn. Mensen op het strand, slippers in de hand, doorzichtigheid, luchtigheid, illusoir realisme. Ik kijk naar zijn werken met een zweem van nostalgie. Maar zonder spijt.
Diezelfde oude Joodse school is nog niet zo lang geleden gerestaureerd. Buiten een drietal galerijen, herbergt het gebouw ook een poepsjiek kosjer restaurant en een bar. We kunnen het prachtige gebouw niet verlaten zonder in de typisch New Yorkse bar een cappucino te drinken. En horen er nogal wat Amerikaanse klanken. Buiten schijnt de zon en de lucht is amper minder blauw dan op een Desgrandchamps.

Tempelhof

Art in Berlin in Hangar 2

Preview Berlin Art Fair Hangar 2

Art Week is nu wel echt begonnen en ’s anderendaags bezoeken we Preview Berlin in het fantastische Tempelhofer Airport. Hangar 2 is voor de gelegenheid veranderd in een arty fair met vooral Berlijnse galerijen die hopen op een grotere afzetmarkt. Vergeet niet dat Berlijn heel arm is en dat kunst vooral door niet Berlijners wordt gekocht. Maar het is wel in Berlijn dat de creatieve scene overheerst. Berlijn is het aan zichzelf verplicht om zulke kunstbeurzen organiseren.
De Preview Academy wil een innovatief platform aanbrengen dat nieuwe perspectieven geeft aan jonge Duitse kunstenaars. Zo staat het tenminste in het programmaboekje.
Ik weet niet of ze in dat opzicht zijn geslaagd. Wat ik heb gezien was nogal klassiek. En buiten die ene kerel die rondliep met een masker en een penis ipv een neus, vond ik het allemaal nogal braaf. Braaf betekent niet slecht, begrijp me niet verkeerd. Wat ik heb gezien van studenten van de Berlijnse kunstscholen was veelbelovend.
Als ik twee favorieten mag kiezen, dan graag deze: Galerij Kleindienst uit Leipzig en het Mexicaanse Terreno Baldio.
Leipzig, een leuke stad op een flinke boogscheut van Berlijn, heeft een ongelooflijke kunstacademie. Het lijkt wel of ze er goeie kunstenaars baren. Daar is Neo Rauch niet vreemd aan.  Galerij Kleindienst stelt heerlijke bescheiden vals naiëve werken van de vrouw van Neo Rauch , Rosa Loy, tentoon, alsook nieuw werk van Tilo Baumgärtel en Julius Hofmann.
Wat geweldig is in Berlijn, is dat het arty farty gehalte hier zo ….hoe zou ik het zeggen…toegankelijk is. Waarmee ik bedoel dat het respect voor zowel kunstenaar als bezoeker zeer groot blijft, hoe goed de artiest ook is (of niet) en hoe rijk (of niet) de liefhebber. We staan hier heel ver verwijderd van het snobisme dat vaak schering en inslag is in de kunstwereld. Ik trek mijn stoute schoenen aan en vraag naar de prijzen van een werkje op A4 formaat van Tilo Baumgärtel, maar het kost al 1900 Euro en dat kan ik me niet direct veroorloven. En het probleem met kunst is dat je niet kan zeggen dat je het ooit wél zal aanschaffen want voor je weet kan het werk waar je zo op flasht helemaal onbetaalbaar zijn.
De Mexicaanse galerij is helemaal anders, zo verschrikkelijk anders, maar zo verschrikkelijk leuk. De maskers van Hector Velasquez zijn magnifiek.  En de Family Tree I van de jonge artiest Emilio Rangel, een reeks dier/mens/monster figuren gemaakt uit epoxy and klei is naar mijn bescheiden mening uitgesproken goed. Het is een werk dat bestaat uit 800 (!) wezens, allen ontsproten uit een soort Adam en Eva. Geweldig en héél actueel.
Maar oordeel zelf… in mijn volgende blogpost Berlin Art Week part 2 ☺

Lange Nacht der Museen

Lange Nacht der Museen

Twee keer per jaar is het weer zover. Tijd voor een stevige portie museumcultuur.Want 2 keer per jaar zijn een flink aantal Berlijnse musea (110 dit jaar om precies te zijn) open tot 2 uur ’s nachts.

Voor max. 18 Euro kan je ze allemaal bezoeken. Wat onmogelijk is uiteraard. 110 musea + alle randanimatie is een beetje te veel van het goede. Het programmaboekje alleen al telt meer dan 200 blz.

Dit jaar is het bovendien wel een hele speciale lange nacht  want Berlijn is jarig. De stad is 775 jaar jong.  Nu dat is meer een reden om te feesten dan een belangrijk geschiedkundig feit maar het is wél zo dat er op een oorkonde uit 1237 de naam Berlijn voor het eerst voorkwam, samen met de naam van zijn zusterstad Cölln. De graven Johan I en Otto III zouden de stad Berlijn-Cölln hebben gesticht.

Trouwens, in 1987 vierde Berlijn zijn 750ste verjaardag. En de stad zal zeker zijn 800ste verjaardag vieren. Want feesten, daar staat Berlijn wel voor bekend.

We besluiten met het hele gezin deel te nemen. Maar hoe krijg je 4 verschillende persoonlijkheden waaronder een kind van 9 en een meisje van 17 zo ver dat ze geïnteresseerd zijn in dezelfde musea?

Heel simpel, je begint met de jongste. En bij één van de dichtstbijzijnde musea. Makkelijk zat: dat is het Computerspelmuseum op de Karl Marx Allée. Dat is mazzel hebben, want E. is een nerd en dit museum is voor hem een soort Walhalla ! We betalen aan de ingang 42 euro voor ons vieren. Daar zijn niet alleen de toegangstickets maar ook de speciale concerten en evenementen en ook het openbaar vervoer mee inbegrepen. Ook zijn er zes speciale busroutes in het leven geroepen. Het lijkt veel geld maar als je weet dat de meeste musea zo’n 8 euro kosten en een tramkaartje 2,40 euro dan haal je dat er echt wel uit. En de gezellige sfeer krijg je er dan ook nog bij.Afbeelding Het Computerspielmuseum in Friedrichshain is alvast een schot in de roos. Lara Croft en één of andere Pokémon wachten ons op aan de ingang en binnenin verdwalen de kinderen in computergeschiedenis. Ik haal de nostalg in mij boven en kan lekker op de Atari pok pok spelen (weet je nog wel? Dat spel met 2 streepjes en een stip die de bal moest voorstellen?). Ondertussen is vaderlief alvast een koffie gaan drinken in het Sybille Cafe even verderop op dezelfde Allée. De service is niet erg snel, zoals zo vaak in Berlijn, maar het heeft iets weg van een Parijs ‘Grand Café’. Het is gevestigd in een “Arbeiterpaläst” en bestaat al sinds de jaren vijftig. Momenteel loop er een  interessante semi-permanente tentoonstelling over de bewogen geschiedenis van de Karl-Marx-Allee vanaf de jaren veertig van vorige eeuw.

Het kan de kinderen heel wat minder boeien.

Speciaal voor de Lange Nacht openen zij hun dak om vanaf daar een prachtig zicht over Berlijn te genieten. Maar daarvoor moeten we nog een half uur wachten en we besluiten om naar de Humboldt Box te gaan waar je boven ook van een geweldig uitzicht over de stad geniet.

Je moet een paar trappen op, en het redelijk smaakloze “ik was hip in de jaren negentig en een stuk van de jaren 2000”restaurant door, maar je geniet er wél van een fenomenaal uitzicht. De Humboldt Box is een controversieel project dat zichzelf voorstelt als “the showcase for a future project”. Dat nieuwe project zou het Humboldt Forum worden. Het is fantastisch gelegen, hartje Berlijn, op het Museum Eiland. Voor je helemaal boven bent, passeer je een resem tentoonstellingen waarvan ik eerlijk gezegd door de bomen het bos niet meer zie. De ruimtes zijn ongetwijfeld zeer knap, maar wat een chaos! Er is een deel Berlijnse geschiedenis, twee verdiepingen bevatten een deel van het Museum voor Etnologie. Het is niet oninteressant en bovendien mooi vormgegeven, maar ik zie weinig visie.

Op het Schlossplein, op de plaats van het toekomstige Humboldt Forum, is er een plan van Berlijn getekend. Op schaal 1:775. Met heel wat wetenswaardigheden rond migratie in de stad. Danseressen dwarrelen op verschillende plaatsen rond en verwoorden al dansend het migratiegevoel. Ik heb zin om mee te dansen.Afbeelding

Aan de rand van het gebeuren staat een standje waar je voor een paar euro’s gemasseerd kan worden. Ook dat is typisch Berlijns.

Jammer genoeg kan men niet leven van cultuur alleen en de honger begint te knagen. Het is 22h00. Niet ongewoon dus. Het is nog steeds extreem zacht en we nestelen ons op een terrasje in één van de vele restaurantjes aan de Spree met zicht op het Pergamonmuseum.

De pizza’s zijn correct en zelfs op deze uiterst toeristische plaats meer dan betaalbaar.

Er kan nog nog een museumpje af en dat wordt, hoe kan het ook anders, het DDR museum. Onze oudste vergaapt zich aan de retro interieurs en afschuwelijke kleren en de jongste vindt het interactieve aspect van dit museum wel leuk. Je mag immers heel veel laatjes openen en sluiten en overal aan prullen. Je mag zelfs in een  Trabantje zitten en toeteren. Het museum is veel te vol en naar mijn gevoel romantiseert het die hele DDR tijd wat veel, maar ik merk dat er nu toch iets meer aandacht aan de politiek wordt besteed dan bij mijn laatste bezoek, een aantal jaren terug.

Nog één ijsje, één, en dan hop naar de Alexanderplatz. De U-bahn brengt ons terug naar huis. Dit was een testcase: volgende keer zeker opnieuw !