E., rennend op de Karl Marx Allée

Berlijn is een heel kind-en fietsvriendelijke stad. Wat niet betekent dat alle fietsers kindvriendelijk zijn 🙂

Advertenties

Partir, c’est mourir un peu

Ik las vanmorgen op De Redactie dat de VRT correspondent voor China er na 5 jaar de brui aan geeft. In afwachting van zijn boek, kan je alvast hier een aantal van zijn beweegredenen lezen. Ik heb die man weinig op TV gezien maar heb altijd graag interviews met hem gelezen.

En toen ik die ‘afscheidsbrief’ las, steeg hij alleen in mijn achting. Ergens voel ik me toch wel met hem verwant, hoewel hij een pak jonger is dan ik en een droomjob te pakken heeft. Dat heb ik tenminste altijd gevonden van het beroep van journalist. Een droomjob. Het was 25 jaar geleden één van mijn droomjobs. Ik weet nu wel beter.

Ik zou een goeie journalist geweest zijn, dat denk ik tenminste :-), maar ook een gefrustreerde. Bureaucratie, censuur, lobbying, vereenvoudiging, popularisering…het zou me de muren hebben opgejaagd. Laat me dus maar wat verder in de kantlijn ploeteren. Niemand die me hier komt lastigvallen.

Maar ik wijk af. Want ik had het over Tom Van De Weghe die China verlaat met zijn vriendin en hun 2 kinderen waarvan het tweede in China werd geboren.

Hij werd in die 5 jaar o.a. vernederd, in elkaar geklopt, en zijn assistent werd uitgescholden voor landverrader. Ook wij werden op Corsica (waar ons gezin in 2003 is gaan wonen) regelmatig geconfronteerd met geweld en intimidatie.  Natuurlijk op veel kleinere schaal, want hoeweel een deel van de Corsicanen wat graag onafhankelijk zou worden, blijft het eiland deel uitmaken van Frankrijk, tot nader order een democratische republiek. En het neemt niet weg dat ik, evenals Tom en zijn China, dat (ei)land en zijn bewoners een warm hart blijf toedragen.

Ik zie mezelf eerder als een onrustige ziel, als iemand die steeds wil bijleren, en steeds sneller, want de wereld is groot en ik word oud(er). Daarom reis ik de wereld rond. En ook, zoals het Tom het zo mooi verwoordt, om mezelf te herbronnen. En dat geldt denk ik wel, voor elk lid van ons gezin. We laven ons aan andere culturen, andere gewoontes, andere talen. Een totale immersie.  En dat is niet altijd leuk en soms heel hard, en het zorgt niet meteen voor rust, maar het zorgt wél voor een soort openheid, een soort van “out of the box kijken” die we waarschijnlijk niet zouden hebben gehad, moesten we in België zijn blijven wonen. En het zorgt inderdaad iedere keer weer voor die “frisse blik”. Ook op België.

Partir, c’est un peu mourir, mais c’est surtout beaucoup vivre.

Zo simpel kan emigreren zijn:

“Hé, zouden we eens niet naar een stad verhuizen?”

JA JA JA !” zei onze 17- jarige dochter. “JA !” (iets minder enthousiast toch)  onze 8- jarige zoon die zich al verheugde op de talrijke speeltuinen .Na 9 jaren op het Zuidfranse platteland te hebben gewoond, wilden we wel eens de energie van een stad voelen. Een stad met Cultuur.

Het Zuiden is fantastisch. Het licht, de zon die 300 dagen per jaar schijnt, de fantastische markten en de zongerijpte groenten. En dan vermeld ik nog niet eens de talrijke zomeravonden waarin we de wereld herschapen onder het genot van een goed lokaal wijntje en dito tapenade. Maar het is tijd om te veranderen.

Maar noch D.  noch ik hebben een vast inkomen . Ik verdien een beetje bij als freelance journaliste en hij is kunstenaar enverkoopt redelijk wat werken, maar je kan moeilijk spreken van een regelmatig inkomen. Dat heeft  zijn gevolgen: zo kunnen we geen huis huren in Duitsland. Berlijn is heel gewild de laatste jaren, (luister bijvoorbeeld naar Lail Arad 🙂 , er is een rush naar leuke appartementen en de keuze van een eigenaar valt steevast op iemand die kan bewijzen dat er elke maand geld op de rekening staat.

We moeten dus iets kopen. En liefst iets groots. Want we werken thuis. We zijn met zijn zessen. Met elk nogal wat behoefte aan privacy. En de hondachtigen onder ons eisen een park in de buurt.  Nu dat laatste is alvast geen probleem. Parken zijn er overal. Dat is één van die dingen die Berlijn Berlijn maken. We zoeken dus een 200m2 flat in hartje Berlijn met een groot terras en in het groen. Mmmm. Gemakkelijk gezegd dan gedaan. Want het sprookje dat Berlijn spotgoedkoop zou zijn, is wat het is: een sprookje. De tijd dat je een 300 m2 appartement kon kopen voor een appel en een ei ligt al heel lang achter ons. Maar in vergelijking met Parijs of Londen, is het nog steeds goedkoop. We moeten dus kiezen in welke stadsdeel we willen zitten. De stad is 9 keer zo groot als Parijs en elke “kieze” is anders. Sommige “kiezes” (stadsdelen) zijn zwaar gegentrificeerd (=veryuppiet) zoals Prenzlauer Berg, Mitte of Friedrichshain, andere zijn absoluut onhip en not done. En aangezien de “gentrified” delen totaal onbetaalbaar zijn geworden, willen we -noodgedwongen 🙂 -absoluut voor het onhippe gaan.

Maar het toeval wil dat de verkoop van ons huis heel slecht verloopt. De nieuwe koopsters denken dat we hen bij alles in het zak zetten. Ik ben echt nog nooit zo’n achterdochtige mensen tegengekomen. Elke lamp wordt gecontroleerd, elke anomalie (als je van anomalie kan spreken) wordt uitvergroot. En we geven iedere keer toe. Omdat we mensen graag blij maken, omdat we denken dat ze toch zo slecht niet kunnen zijn,  omdat we nu eenmaal zo zijn. Maar emotioneel was het een enorme klapper. Want elk woord van ons wordt verdraaid, elke geste wordt een geste tegen hen. Je kan het zo gek niet bedenken. Ons gezin lijdt er zwaar onder.

Ik kan dus niet wachten om naar Berlijn te vertrekken en zulke slechte ervaringen achter me laten. Maar het toeval wil dat de laatste tijd onze muziekgroep wat professioneler wordt en vooral vriendschappelijker. We geven ons eerste en enige optreden (D. drumt, ik zing) en het was heerlijk. Er worden hechte vriendschappen aangeknoopt en vooral Dominique begint zich nu echt wel thuis te voelen in ons dorp. Als kunstenaar  kan hij uiteraard overal werken. En zelfs al wil hij de polsslag van de stad voelen, het afscheid is deze keer wel erg zwaar. Zwaarder dan de verhuis van België naar Corsica of van Corsica naar het Franse vasteland.

Uiteindelijk vinden we een groot appartement op vlakbij het station van Lichtenberg. Lichtenberg zal het dus worden. Gekend voor zijn plattenbau,  het grote aantal Russen, Vietnamezen en neo-nazis. Dat zijn tenminste de ideëen die erover de ronde doen. Stereotypes die mensen in het leven hebben geroepen. Maar ik ben koppig. En ik hou ervan om een vreemde luis in de pels te zijn. Dus wordt Lichtenberg ons nieuwe thuis. Oost Berlijn. Ons Berlijn. Op een steenworp van Alexanderplatz. Spannend toch?